BWBR0005997
Geldig vanaf 1993-06-01
Artikel 12c
Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten
1. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
a. uitvoeringsbesluit 2018/638: Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/638 van de Commissie van 23 april 2018 tot vaststelling van noodmaatregelen om het binnenbrengen en de verspreiding in de Unie van het schadelijke organisme Spodoptera frugiperda (Smith) te voorkomen (PbEU 2018, L 105);
b. schadelijk organisme: Spodoptera frugiperda (Smith);
c. gevoelige planten: vruchten van Capsicum L., Momordica L., Solanum aethiopicum L., Solanum macrocarpon L. en Solanum melongena L., en planten, met uitzondering van levende pollen, plantenweefselcultures, zaden en granen, van Zea mays L. van oorsprong uit derde landen met uitzondering van Zwitserland.
2. Gevoelige planten mogen slechts in de Europese Unie worden binnengebracht indien:
a. ze vergezeld gaan van een fytosanitair certificaat als bedoeld in artikel 13, eerste lid, punt ii), van richtlijn 2000/29/EG;
b. de oorsprong voldoet aan het bepaalde in artikel 4 van uitvoeringsbesluit 2018/638, en
c. zij, onverminderd artikel 12, bij binnenkomst in de Europese Unie overeenkomstig artikel 5 van uitvoeringsbesluit 2018/638 worden geïnspecteerd op de aanwezigheid van het schadelijke organisme en geen tekenen van aanwezigheid van dat schadelijke organisme zijn gevonden.
a. uitvoeringsbesluit 2018/638: Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/638 van de Commissie van 23 april 2018 tot vaststelling van noodmaatregelen om het binnenbrengen en de verspreiding in de Unie van het schadelijke organisme Spodoptera frugiperda (Smith) te voorkomen (PbEU 2018, L 105);
b. schadelijk organisme: Spodoptera frugiperda (Smith);
c. gevoelige planten: vruchten van Capsicum L., Momordica L., Solanum aethiopicum L., Solanum macrocarpon L. en Solanum melongena L., en planten, met uitzondering van levende pollen, plantenweefselcultures, zaden en granen, van Zea mays L. van oorsprong uit derde landen met uitzondering van Zwitserland.
2. Gevoelige planten mogen slechts in de Europese Unie worden binnengebracht indien:
a. ze vergezeld gaan van een fytosanitair certificaat als bedoeld in artikel 13, eerste lid, punt ii), van richtlijn 2000/29/EG;
b. de oorsprong voldoet aan het bepaalde in artikel 4 van uitvoeringsbesluit 2018/638, en
c. zij, onverminderd artikel 12, bij binnenkomst in de Europese Unie overeenkomstig artikel 5 van uitvoeringsbesluit 2018/638 worden geïnspecteerd op de aanwezigheid van het schadelijke organisme en geen tekenen van aanwezigheid van dat schadelijke organisme zijn gevonden.