BWBR0004854
Geldig vanaf 1990-09-16
Artikel 12
Regelen voorbereiding en uitvoering rondvluchten
Het vliegtuig moet tijdens een vlucht bij nacht zowel zijn voorzien van de in artikel 7genoemde instrumenten als van:
a. verlichting voor alle, door de bemanning te gebruiken instrumenten en installaties, welke nodig zijn om het vliegtuig op veilige wijze te kunnen bedienen;
b. een installatie, welke de bestuurder in staat stelt de lichten te voeren, als bedoeld in artikel 31, eerste lid, van het Luchtverkeersreglement;
c. een elektrische zaklantaarn voor ieder dienstdoend lid van het boordpersoneel.
a. verlichting voor alle, door de bemanning te gebruiken instrumenten en installaties, welke nodig zijn om het vliegtuig op veilige wijze te kunnen bedienen;
b. een installatie, welke de bestuurder in staat stelt de lichten te voeren, als bedoeld in artikel 31, eerste lid, van het Luchtverkeersreglement;
c. een elektrische zaklantaarn voor ieder dienstdoend lid van het boordpersoneel.