BWBR0004795
Geldig vanaf 1990-08-01
Artikel 5
Regeling meetmethoden emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer B
1. In geval de werking van de apparatuur als bedoeld in artikel 4, eerste lid, gestoord is, dienen:
a. onverwijld de nodige maatregelen te worden genomen om aan de storing een einde te maken;
b. geen wijzigingen in het gebruik van de stookinstallatie te worden aangebracht, die een substantiële stijging van de uitworp van de te meten verontreinigende stof te weeg kunnen brengen.
2. Indien een storing langer duurt dan 48 uur dient onverwijld de vergunningverlener te worden gewaarschuwd.
a. onverwijld de nodige maatregelen te worden genomen om aan de storing een einde te maken;
b. geen wijzigingen in het gebruik van de stookinstallatie te worden aangebracht, die een substantiële stijging van de uitworp van de te meten verontreinigende stof te weeg kunnen brengen.
2. Indien een storing langer duurt dan 48 uur dient onverwijld de vergunningverlener te worden gewaarschuwd.