BWBR0004489
Geldig vanaf 1989-03-01
Artikel G
Vaststelling aanwijzingen voor beveiliging staatsgeheimen en vitale onderdelen van de rijksdienst
62. Elke ambtenaar is verplicht de BVA onverwijld mededeling te doen van een inbreuk op de beveiliging, die het naar behoren functioneren van een vitaal onderdeel redelijkerwijs kan schaden of die redelijkerwijs kan leiden, dan wel vermoedelijk of vaststaand heeft geleid, tot compromittering van een staatsgeheim.
63. Compromittering van een staatsgeheim heeft plaatsgevonden indien een niet gerechtigde kennis heeft genomen van het staatsgeheim of, tenzij na onderzoek door de BVA blijkt dat dit niet is gebeurd, in de gelegenheid is geweest om kennis te nemen van het staatsgeheim.
64. De BVA stelt, nadat hij op de hoogte is gebracht van een inbreuk op de beveiliging, onverwijld een onderzoek in naar het gebeurde. Hij treft maatregelen om de beveiliging te herstellen en herhaling te voorkomen. In het geval dat de BVA vaststelt dat compromittering van een staatsgeheim heeft plaatsgevonden doet hij hiervan mededeling aan de secretaris-generaal. Indien de compromittering betrekking heeft op een via een beveiligde verbinding verzonden staatsgeheim of een krachtens en internationaal verdrag of overeenkomst verkregen staatsgeheim, doet hij bovendien mededeling aan de betrokken verbindingsdienst respectievelijk de krachtens het verdrag of overeenkomst voor de beveiliging van het staatsgeheim verantwoordelijke instantie.
65. 65.1 De secretaris-generaal stelt nadat hij op de hoogte is gebracht van de compromittering van een staatsgeheim onverwijld een commissie van onderzoek in.
65.2 De commissie bestaat uit ambtenaren die met het uitvoeren van onderzoeken ervaring hebben, die niet betrokken zijn bij de compromittering en die niet onmiddellijk ondergeschikt zijn aan bij de compromittering betrokken ambtenaren. De commissie is gerechtigd kennis te nemen van de inhoud van de documenten die op de compromittering betrekking hebben en de bij de compromittering betrokken ambtenaren, alsmede de ambtenaar die de rubricering heeft vastgesteld, te horen.
65.3 De commissie stelt een onderzoek in naar: de wijze waarop de compromittering heeft plaatsgevonden;
de aard en de omvang van de schade aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten;
de te nemen maatregelen om de schade te beperken en herhaling te voorkomen.
de wijze waarop de compromittering heeft plaatsgevonden;
de aard en de omvang van de schade aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten;
de te nemen maatregelen om de schade te beperken en herhaling te voorkomen.
65.4 De commissie voert indien het gecompromitteerde staatsgeheim afkomstig is van een ander ministerie of van een interdepartementale commissie, haar onderzoek uit in overleg met de BVA van dat ministerie of de voorzitter van die commissie. In het geval dat het gecompromitteerde staatsgeheim krachtens een internationaal verdrag of overeenkomst is verkregen voert de commissie haar onderzoek uit in samenwerking met de instantie die krachtens het verdrag of de overeenkomst verantwoordelijk is voor de beveiliging van het staatsgeheim. Indien geen redelijke verklaring voor de compromittering wordt gevonden of indien spionage wordt vermoed, kan de Binnenlandse Veiligheidsdienst de commissie bij haar onderzoek terzijde staan.
66. De secretaris-generaal of een door hem aangewezen ambtenaar treft, nadat de commissie van onderzoek haar werkzaamheden heeft voltooid, onverwijld al de maatregelen die mogelijk zijn om de schade die de compromittering heeft toegebracht aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten te beperken en herhaling van de compromittering te voorkomen.
63. Compromittering van een staatsgeheim heeft plaatsgevonden indien een niet gerechtigde kennis heeft genomen van het staatsgeheim of, tenzij na onderzoek door de BVA blijkt dat dit niet is gebeurd, in de gelegenheid is geweest om kennis te nemen van het staatsgeheim.
64. De BVA stelt, nadat hij op de hoogte is gebracht van een inbreuk op de beveiliging, onverwijld een onderzoek in naar het gebeurde. Hij treft maatregelen om de beveiliging te herstellen en herhaling te voorkomen. In het geval dat de BVA vaststelt dat compromittering van een staatsgeheim heeft plaatsgevonden doet hij hiervan mededeling aan de secretaris-generaal. Indien de compromittering betrekking heeft op een via een beveiligde verbinding verzonden staatsgeheim of een krachtens en internationaal verdrag of overeenkomst verkregen staatsgeheim, doet hij bovendien mededeling aan de betrokken verbindingsdienst respectievelijk de krachtens het verdrag of overeenkomst voor de beveiliging van het staatsgeheim verantwoordelijke instantie.
65. 65.1 De secretaris-generaal stelt nadat hij op de hoogte is gebracht van de compromittering van een staatsgeheim onverwijld een commissie van onderzoek in.
65.2 De commissie bestaat uit ambtenaren die met het uitvoeren van onderzoeken ervaring hebben, die niet betrokken zijn bij de compromittering en die niet onmiddellijk ondergeschikt zijn aan bij de compromittering betrokken ambtenaren. De commissie is gerechtigd kennis te nemen van de inhoud van de documenten die op de compromittering betrekking hebben en de bij de compromittering betrokken ambtenaren, alsmede de ambtenaar die de rubricering heeft vastgesteld, te horen.
65.3 De commissie stelt een onderzoek in naar: de wijze waarop de compromittering heeft plaatsgevonden;
de aard en de omvang van de schade aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten;
de te nemen maatregelen om de schade te beperken en herhaling te voorkomen.
de wijze waarop de compromittering heeft plaatsgevonden;
de aard en de omvang van de schade aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten;
de te nemen maatregelen om de schade te beperken en herhaling te voorkomen.
65.4 De commissie voert indien het gecompromitteerde staatsgeheim afkomstig is van een ander ministerie of van een interdepartementale commissie, haar onderzoek uit in overleg met de BVA van dat ministerie of de voorzitter van die commissie. In het geval dat het gecompromitteerde staatsgeheim krachtens een internationaal verdrag of overeenkomst is verkregen voert de commissie haar onderzoek uit in samenwerking met de instantie die krachtens het verdrag of de overeenkomst verantwoordelijk is voor de beveiliging van het staatsgeheim. Indien geen redelijke verklaring voor de compromittering wordt gevonden of indien spionage wordt vermoed, kan de Binnenlandse Veiligheidsdienst de commissie bij haar onderzoek terzijde staan.
66. De secretaris-generaal of een door hem aangewezen ambtenaar treft, nadat de commissie van onderzoek haar werkzaamheden heeft voltooid, onverwijld al de maatregelen die mogelijk zijn om de schade die de compromittering heeft toegebracht aan de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat of zijn bondgenoten te beperken en herhaling van de compromittering te voorkomen.