BWBR0004408
Geldig vanaf 1989-01-01
Artikel 5
Besluit indicatie-advisering bejaardenoorden en verpleeginrichtingen
1. Bij het onderzoek, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, wordt in elk geval acht geslagen op:
a. de gesteldheid van de motorische vermogens, nodig voor het kunnen verrichten van alle noodzakelijke dagelijkse levensverrichtingen;
b. de gesteldheid van de zintuiglijke vermogens;
c. de gesteldheid van de geestelijke vermogens;
d. de algemene lichamelijke gesteldheid.
2. Het onderzoek richt zich tevens op de noodzaak van verpleging, waaronder begrepen de noodzaak van dagbehandeling of dag- en nachtverzorging, van geneeskundige behandeling en daarmee verband houdend onderzoek, te verlenen door artsen, alsmede van met die verpleging verband houdende revalidatie, reactivering, fysiotherapie en bezigheidstherapie.
3. Indien daartoe aanleiding bestaat, worden de behandelende artsen van de verzoeker geraadpleegd. Het raadplegen van deze artsen geschiedt slechts met toestemming van de verzoeker.
a. de gesteldheid van de motorische vermogens, nodig voor het kunnen verrichten van alle noodzakelijke dagelijkse levensverrichtingen;
b. de gesteldheid van de zintuiglijke vermogens;
c. de gesteldheid van de geestelijke vermogens;
d. de algemene lichamelijke gesteldheid.
2. Het onderzoek richt zich tevens op de noodzaak van verpleging, waaronder begrepen de noodzaak van dagbehandeling of dag- en nachtverzorging, van geneeskundige behandeling en daarmee verband houdend onderzoek, te verlenen door artsen, alsmede van met die verpleging verband houdende revalidatie, reactivering, fysiotherapie en bezigheidstherapie.
3. Indien daartoe aanleiding bestaat, worden de behandelende artsen van de verzoeker geraadpleegd. Het raadplegen van deze artsen geschiedt slechts met toestemming van de verzoeker.