BWBR0004197
Geldig vanaf 1987-07-25
Artikel 10
Erkenningsregeling vrijwillige plaatsingen jeugdhulpverlening
1. De activiteiten, bedoeld in artikel 3, worden uitgevoerd door medewerkers die als werknemer of vrijwillig medewerkende bij de instelling werkzaam zijn en die voldoen aan de in de bij dit besluit behorende bijlage 1gestelde eisen.
2. Een ambulante instelling verricht de activiteiten, bedoeld in artikel 3, in zodanige omvang dat de instelling over voldoende ervaring beschikt voor het uitoefenen daarvan. De ambulante instelling belast één deskundige met de verantwoordelijkheid voor de in de eerste zin bedoelde activiteiten.
3. Een ambulante instelling draagt zorg voor de bevordering van de deskundigheid van de in het eerste lid bedoelde deskundigen die nodig is voor een goede taakvervulling.
4. Bij de activiteiten bedoeld in artikel 3, onder a en c, zijn alle daarvoor in aanmerking komende binnen de instelling aanwezige disciplines betrokken. Indien voor de activiteiten deskundigheid van disciplines noodzakelijk is, die niet binnen de instelling aanwezig is, consulteert de instelling hiervoor externe deskundigen.
2. Een ambulante instelling verricht de activiteiten, bedoeld in artikel 3, in zodanige omvang dat de instelling over voldoende ervaring beschikt voor het uitoefenen daarvan. De ambulante instelling belast één deskundige met de verantwoordelijkheid voor de in de eerste zin bedoelde activiteiten.
3. Een ambulante instelling draagt zorg voor de bevordering van de deskundigheid van de in het eerste lid bedoelde deskundigen die nodig is voor een goede taakvervulling.
4. Bij de activiteiten bedoeld in artikel 3, onder a en c, zijn alle daarvoor in aanmerking komende binnen de instelling aanwezige disciplines betrokken. Indien voor de activiteiten deskundigheid van disciplines noodzakelijk is, die niet binnen de instelling aanwezig is, consulteert de instelling hiervoor externe deskundigen.