BWBR0003508
Geldig vanaf 1982-09-01
Artikel 8
Besluit grenswaarden binnen zones rond industrieterreinen
1. Indien door de toepassing van artikel 50, eerste lid, of artikel 68, tweede lid, van de wetvoor de uitwendige scheidingsconstructie van één of meer in aanbouw zijnde of aanwezige gebouwen binnen een zone een hogere geluidsbelasting dan 50dB(A) als toelaatbaar is aangemerkt, treft het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de geluidwering van die uitwendige scheidingsconstructie maatregelen om te bevorderen dat de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein,
a. binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder a, 30dB(A), en
b. binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder b, 35dB (A),
niet te boven zal gaan.
2. De verblijfsruimten, bedoeld in het eerste lid zijn:
a. - leslokalen van basisscholen;
- theorielokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in deWet op het voortgezet onderwijs;
- theorielokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d;
- onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten, alsmede woon- en slaapruimten van gebouwen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder e;
- leslokalen van basisscholen;
- theorielokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in deWet op het voortgezet onderwijs;
- theorielokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d;
- onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten, alsmede woon- en slaapruimten van gebouwen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder e;
b. - theorievaklokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
- theorievaklokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d.
- theorievaklokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
- theorievaklokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d.
a. binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder a, 30dB(A), en
b. binnen de verblijfsruimten, genoemd in het tweede lid, onder b, 35dB (A),
niet te boven zal gaan.
2. De verblijfsruimten, bedoeld in het eerste lid zijn:
a. - leslokalen van basisscholen;
- theorielokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in deWet op het voortgezet onderwijs;
- theorielokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d;
- onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten, alsmede woon- en slaapruimten van gebouwen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder e;
- leslokalen van basisscholen;
- theorielokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in deWet op het voortgezet onderwijs;
- theorielokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- onderzoeks- en behandelingsruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d;
- onderzoeks-, behandelings-, recreatie-, en conversatieruimten, alsmede woon- en slaapruimten van gebouwen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder e;
b. - theorievaklokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
- theorievaklokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d.
- theorievaklokalen van scholen voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
- theorievaklokalen van instellingen voor hoger beroepsonderwijs;
- ruimten voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- en conversatieruimten van ziekenhuizen en verpleeghuizen, bedoeld in artikel 4, derde lid, onder d.