BWBR0003045
Geldig vanaf 1976-07-01
Artikel 131
Burgerlijk Wetboek Boek 2
De rechtbank, binnen welker rechtsgebied de vennootschap haar woonplaats heeft, neemt kennis van alle rechtsvorderingen betreffende de overeenkomst tussen de naamloze vennootschap en de bestuurder, daaronder begrepen de vordering bedoeld bij artikel 138van dit Boek, waarvan het bedrag onbepaald is of € 25.000 te boven gaat. Dezelfde rechtbank neemt kennis van verzoeken als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0005290/artikel/671b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 671b</a>en <a href="/wet/BWBR0005290/artikel/671c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 671c van Boek 7</a>betreffende de in de eerste zin genoemde overeenkomst. De zaken, bedoeld in de eerste en tweede volzin, worden niet behandeld en beslist door de kantonrechter.