BWBR0002538
Geldig vanaf 1966-10-31
Artikel 3
Wet schade oesterkwekers
1. Om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming, dient de oesterkweker uiterlijk zes maanden na het in werking treden van deze wet bij een door Onze Minister aangewezen bureau:
a. opgave te doen van de op 31 december 1962 tot de uitoefening van het oesterbedrijf dienende of mede dienende goederen;
b. een afschrift van de winst- en verliesrekening over het boekjaar, waarin 1 januari 1962 valt en indien mogelijk over de vier aan dit boekjaar voorafgaande jaren, alsmede een afschrift van de balansen aan het begin en het eind van deze boekjaren in te zenden.
2. De oesterkweker is verplicht de verdere door Onze Minister in verband met de vaststelling van de tegemoetkoming gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken.
3. De opgave moet, voor zover Onze Minister een formulier heeft vastgesteld, geschieden met gebruikmaking van dit formulier.
a. opgave te doen van de op 31 december 1962 tot de uitoefening van het oesterbedrijf dienende of mede dienende goederen;
b. een afschrift van de winst- en verliesrekening over het boekjaar, waarin 1 januari 1962 valt en indien mogelijk over de vier aan dit boekjaar voorafgaande jaren, alsmede een afschrift van de balansen aan het begin en het eind van deze boekjaren in te zenden.
2. De oesterkweker is verplicht de verdere door Onze Minister in verband met de vaststelling van de tegemoetkoming gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken.
3. De opgave moet, voor zover Onze Minister een formulier heeft vastgesteld, geschieden met gebruikmaking van dit formulier.