BWBR0002402
Geldig vanaf 2017-08-01
Artikel 14
Kernenergiewet
1. Ieder, die met inachtneming van deze wet splijtstoffen of ertsen of andere stoffen waaruit splijtstoffen kunnen worden verkregen en die naar gewicht gerekend ten minste een tiende procent uranium of drie procent thorium bevatten vervoert, voorhanden heeft, binnen of buiten Nederlands grondgebied brengt of doet brengen, dan wel zich daarvan ontdoet, is verplicht daaromtrent administratie te voeren en ten behoeve van de in artikel 13bedoelde inschrijving aangifte te doen, een en ander in bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen en overeenkomstig bij de maatregel te stellen regelen.
2. Ieder, die de aanwezigheid van ertsen of andere stoffen waaruit splijtstoffen kunnen worden verkregen en die naar gewicht gerekend ten minste een tiende procent uranium of drie procent thorium bevatten in de bodem heeft vastgesteld, is verplicht in bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen en overeenkomstig bij de maatregel te stellen regelen daarvan ten behoeve van de in artikel 13bedoelde inschrijving aangifte te doen.
2. Ieder, die de aanwezigheid van ertsen of andere stoffen waaruit splijtstoffen kunnen worden verkregen en die naar gewicht gerekend ten minste een tiende procent uranium of drie procent thorium bevatten in de bodem heeft vastgesteld, is verplicht in bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen en overeenkomstig bij de maatregel te stellen regelen daarvan ten behoeve van de in artikel 13bedoelde inschrijving aangifte te doen.