BWBR0002246
Geldig vanaf 2004-09-09
Artikel 11
Waterleidingwet
1. De krachtens artikel 9, lid 1, aangewezen leden van het personeel van een waterleidingbedrijf verrichten geen dienst, als bedoeld in dat lid, ten behoeve van een waterleidingbedrijf, indien zich in hun woning een geval voordoet van door Ons bij algemene maatregel van bestuur aan te geven ziekten, tenzij de Inspecteur toestemming tot het verrichten dier diensten heeft verleend.
2. De krachtens artikel 9, lid 1, aangewezen leden van het personeel van een waterleidingbedrijf melden onverwijld aan de eigenaar van het waterleidingbedrijf, waarbij zij werkzaam zijn, een geval van ziekte, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, dat zich in hun woning voordoet. Tevens geven zij die eigenaar onverwijld ervan kennis, indien zij in aanraking zijn geweest met een persoon, van wie zij weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden, dat hij lijdt aan een der in lid 1 bedoelde ziekten.
3. Het eerste lid geldt onverminderd artikel 38 van de Wet publieke gezondheid.
2. De krachtens artikel 9, lid 1, aangewezen leden van het personeel van een waterleidingbedrijf melden onverwijld aan de eigenaar van het waterleidingbedrijf, waarbij zij werkzaam zijn, een geval van ziekte, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, dat zich in hun woning voordoet. Tevens geven zij die eigenaar onverwijld ervan kennis, indien zij in aanraking zijn geweest met een persoon, van wie zij weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden, dat hij lijdt aan een der in lid 1 bedoelde ziekten.
3. Het eerste lid geldt onverminderd artikel 38 van de Wet publieke gezondheid.