BWBR0002025
Geldig vanaf 31-12-1964
Artikel 9
Groevenreglement 1947
1. Onverminderd hetgeen bij of krachtens dit Reglement aan anderen is voorgeschreven, is de vergunninghouder verplicht zorg te dragen voor de naleving van de bij of krachtens dit Reglement gegeven voorschriften, behoudens het bepaalde in de volgende leden van dit artikel.
2. Indien de vergunninghouder een naar het oordeel van Onze Minister van Economische Zaken voldoende deskundig bedrijfsleider of opzichter heeft aangewezen, die belast is met de zorg voor de naleving van de in het vorig lid bedoelde voorschriften en Onze Minister van Economische Zaken deze aanwijzing schriftelijk heeft aanvaard, is die bedrijfsleider of opzichter verplicht voor de naleving van die voorschriften zorg te dragen en vervalt de verplichting van den vergunninghouder.
3. In het geval, bedoeld in artikel 8, vierde lid, rust de verplichting, bedoeld in het eerste lid, met uitsluiting van den vergunninghouder, op dengene, die de groeve met toestemming van Onze Minister van Economische Zaken ontgint of in gebruik heeft.
2. Indien de vergunninghouder een naar het oordeel van Onze Minister van Economische Zaken voldoende deskundig bedrijfsleider of opzichter heeft aangewezen, die belast is met de zorg voor de naleving van de in het vorig lid bedoelde voorschriften en Onze Minister van Economische Zaken deze aanwijzing schriftelijk heeft aanvaard, is die bedrijfsleider of opzichter verplicht voor de naleving van die voorschriften zorg te dragen en vervalt de verplichting van den vergunninghouder.
3. In het geval, bedoeld in artikel 8, vierde lid, rust de verplichting, bedoeld in het eerste lid, met uitsluiting van den vergunninghouder, op dengene, die de groeve met toestemming van Onze Minister van Economische Zaken ontgint of in gebruik heeft.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002025
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl