BWBR0002009
Geldig vanaf 1944-09-20
Artikel 59
Tribunaalbesluit
1. Indien aan het Tribunaal bij afwezigheid van een persoon, als in artikel 48bedoeld, blijkt, dat diens dagvaarding of oproeping niet of niet tijdig is geschied, of wel indien aan het Tribunaal de noodzakelijkheid blijkt van de overlegging van schriftelijke bewijsstukken of stukken van overtuiging, die niet ter zitting aanwezig zijn, beveelt het tegen een bepaald tijdstip de dagvaarding of schriftelijke oproeping van dien persoon of de overlegging van die stukken.
2. Indien eenig nader onderzoek buiten de zitting noodig blijkt, schorst het Tribunaal, onder aanduiding van het onderwerp van dat onderzoek, de behandeling der zaak ter zitting tot den afloop daarvan. Het onderzoek geldt als voorbereidend onderzoek en wordt overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van dezen Titel gevoerd.
2. Indien eenig nader onderzoek buiten de zitting noodig blijkt, schorst het Tribunaal, onder aanduiding van het onderwerp van dat onderzoek, de behandeling der zaak ter zitting tot den afloop daarvan. Het onderzoek geldt als voorbereidend onderzoek en wordt overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van dezen Titel gevoerd.