BWBV0001717
Geldig vanaf 01-06-2006
Artikel 19
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg inzake grensoverschrijdend politieel optreden
Voor de uitvoering van grensoverschrijdende observatie zijn de bepalingen van artikel 40 van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen van toepassing, met dien verstande dat:
a de observatie die wordt uitgevoerd overeenkomstig artikel 40, eerste lid, van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen, met inachtneming van nationaal recht, kan worden uitgebreid naar personen die zich hebben onttrokken aan een vrijheidsstraf opgelegd vanwege het plegen van een strafbaar feit dat tot uitlevering aanleiding kan geven, of naar personen die kunnen leiden naar de ontdekking van die personen;
b de observatie wordt uitgevoerd onder de algemene voorwaarden genoemd in artikel 40, derde lid, van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen, met dien verstande dat de ambtenaren tijdens de observatie technische hulpmiddelen kunnen gebruiken, voor zover zij daartoe van de gaststaat op grond van het verzoek bedoeld in artikel 40 van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen toestemming hebben gekregen. De Verdragsluitende Partijen informeren elkaar over de aard en het gebruik van technische hulpmiddelen ter observatie;
c de grensoverschrijdende observatie kan, met inachtneming van het nationale recht, eveneens plaatsvinden in het luchtruim en over de zee- en waterwegen.
a de observatie die wordt uitgevoerd overeenkomstig artikel 40, eerste lid, van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen, met inachtneming van nationaal recht, kan worden uitgebreid naar personen die zich hebben onttrokken aan een vrijheidsstraf opgelegd vanwege het plegen van een strafbaar feit dat tot uitlevering aanleiding kan geven, of naar personen die kunnen leiden naar de ontdekking van die personen;
b de observatie wordt uitgevoerd onder de algemene voorwaarden genoemd in artikel 40, derde lid, van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen, met dien verstande dat de ambtenaren tijdens de observatie technische hulpmiddelen kunnen gebruiken, voor zover zij daartoe van de gaststaat op grond van het verzoek bedoeld in artikel 40 van de Overeenkomst ter uitvoering van het Akkoord van Schengen toestemming hebben gekregen. De Verdragsluitende Partijen informeren elkaar over de aard en het gebruik van technische hulpmiddelen ter observatie;
c de grensoverschrijdende observatie kan, met inachtneming van het nationale recht, eveneens plaatsvinden in het luchtruim en over de zee- en waterwegen.
- Citeren als
- Art. 19
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBV0001717
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl