BWBR0050330
Geldig vanaf 2024-10-26
Artikel 40
Regeling bekostiging WPO en WEC 2025
1. Het bevoegd gezag van een basisschool, speciale school voor basisonderwijs of een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs ontvangt aanvullende bekostiging voor het eerste en tweede kalenderjaar volgend op een samenvoeging als bedoeld in artikel 21 van het Besluit bekostiging WPO 2022en artikel 17 van het Besluit bekostiging WEC 2022.
2. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het eerste lid, wordt berekend volgens de formule X – Y, waarin:
X = de som van de bekostiging van alle scholen die onderdeel uitmaken van de samenvoeging, berekend op grond van artikel 116, tweede lid, van de WPO, artikel 114, tweede lid, van de WEC, en de artikelen 14, 17, 18en 19 van het Besluit bekostiging WPO 2022, in het eerste kalenderjaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden; en
Y = de som van de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van artikel 116, tweede lid, van de WPO, artikel 114, tweede lid, van de WEC, en de artikelen 14, 17, 18en 19 van het Besluit bekostiging WPO 2022, in het eerste kalenderjaar na de samenvoeging.
3. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het eerste lid, is voor het eerste kalenderjaar volgend op de samenvoeging 100% van de uitkomst van de formule in het tweede lid en voor het tweede kalenderjaar volgend op de samenvoeging 50% van de uitkomst van de formule in het tweede lid.
4. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het derde lid, wordt aangepast voor loon- en prijsontwikkelingen.
5. Indien een school op grond van dit artikel aanvullende bekostiging ontvangt of op grond van de Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair onderwijs en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WECbijzondere bekostiging ontvangt, betrokken is bij een samenvoeging, als bedoeld in het eerste lid, en daarvoor aanvullende bekostiging ontvangt, als bedoeld in het tweede lid, dan vervalt vanaf 1 januari na de laatstbedoelde samenvoeging de eerdere aanspraak op aanvullende of bijzondere bekostiging.
6. Dit artikel is niet van toepassing op een samenvoeging van scholen waarbij één of meer van de scholen die onderdeel uitmaken van de samenvoeging op het moment van deze samenvoeging minder dan 8 jaar worden bekostigd.
2. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het eerste lid, wordt berekend volgens de formule X – Y, waarin:
X = de som van de bekostiging van alle scholen die onderdeel uitmaken van de samenvoeging, berekend op grond van artikel 116, tweede lid, van de WPO, artikel 114, tweede lid, van de WEC, en de artikelen 14, 17, 18en 19 van het Besluit bekostiging WPO 2022, in het eerste kalenderjaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden; en
Y = de som van de bekostiging van de fusieschool, berekend op grond van artikel 116, tweede lid, van de WPO, artikel 114, tweede lid, van de WEC, en de artikelen 14, 17, 18en 19 van het Besluit bekostiging WPO 2022, in het eerste kalenderjaar na de samenvoeging.
3. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het eerste lid, is voor het eerste kalenderjaar volgend op de samenvoeging 100% van de uitkomst van de formule in het tweede lid en voor het tweede kalenderjaar volgend op de samenvoeging 50% van de uitkomst van de formule in het tweede lid.
4. De aanvullende bekostiging, bedoeld in het derde lid, wordt aangepast voor loon- en prijsontwikkelingen.
5. Indien een school op grond van dit artikel aanvullende bekostiging ontvangt of op grond van de Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair onderwijs en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WECbijzondere bekostiging ontvangt, betrokken is bij een samenvoeging, als bedoeld in het eerste lid, en daarvoor aanvullende bekostiging ontvangt, als bedoeld in het tweede lid, dan vervalt vanaf 1 januari na de laatstbedoelde samenvoeging de eerdere aanspraak op aanvullende of bijzondere bekostiging.
6. Dit artikel is niet van toepassing op een samenvoeging van scholen waarbij één of meer van de scholen die onderdeel uitmaken van de samenvoeging op het moment van deze samenvoeging minder dan 8 jaar worden bekostigd.