BWBR0049701
Geldig vanaf 2024-05-15
Artikel 8
Regeling beheer onroerende zaken Rijk 2024
1. Na de overdracht, bedoeld in artikel 7, eerste lid, gaat de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening eerst na of hijzelf of een andere minister de overtollig gestelde onroerende zaak nodig heeft voor de uitvoering van het beleid en de bedrijfsvoering die aan zijn begroting respectievelijk de begroting van de andere minister ten grondslag liggen.
2. De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening draagt het materieelbeheer van een onroerende zaak over aan een minister die kenbaar maakt dat hij de overtollig gestelde onroerende zaak wil inzetten voor de uitvoering van het beleid en de bedrijfsvoering die aan de begroting van deze minister ten grondslag liggen.
3. De overdracht, bedoeld in het tweede lid, wordt vastgelegd in een proces-verbaal van overname, dat door de minister en de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wordt ondertekend.
4. Eventuele voorwaarden als bedoeld in artikel 6, tweede lid, gelden voor de betrokken minister en worden vastgelegd in het proces-verbaal van overname. Eventuele nadere afspraken kunnen ook in het proces-verbaal van overname worden vastgelegd.
5. Na de overdracht, bedoeld in het tweede lid, bevordert de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening de aanpassing bij het Kadaster van de tenaamstelling van de onroerende zaak.
6. De minister zorgt voor een interne betaling aan de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van een bedrag gebaseerd op een marktconforme verkoopprijs voor de onroerende zaak.
2. De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening draagt het materieelbeheer van een onroerende zaak over aan een minister die kenbaar maakt dat hij de overtollig gestelde onroerende zaak wil inzetten voor de uitvoering van het beleid en de bedrijfsvoering die aan de begroting van deze minister ten grondslag liggen.
3. De overdracht, bedoeld in het tweede lid, wordt vastgelegd in een proces-verbaal van overname, dat door de minister en de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wordt ondertekend.
4. Eventuele voorwaarden als bedoeld in artikel 6, tweede lid, gelden voor de betrokken minister en worden vastgelegd in het proces-verbaal van overname. Eventuele nadere afspraken kunnen ook in het proces-verbaal van overname worden vastgelegd.
5. Na de overdracht, bedoeld in het tweede lid, bevordert de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening de aanpassing bij het Kadaster van de tenaamstelling van de onroerende zaak.
6. De minister zorgt voor een interne betaling aan de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van een bedrag gebaseerd op een marktconforme verkoopprijs voor de onroerende zaak.