BWBR0049052
Geldig vanaf 2023-12-16
Artikel 10
Subsidieregeling brugfunctionaris
1. De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G, onderdeel 1.
2. Indien de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt in zijn geheel zijn verricht en volledig is voldaan aan de verplichtingen die verbonden zijn aan de verleende subsidie, kan het niet aangewende deel van de subsidie, bedoeld in artikel 8worden besteed aan andere activiteiten waarvoor aan het bevoegd gezag bekostiging wordt verstrekt.
3. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn. In dit kader vindt in ieder geval een steekproefsgewijze controle door de minister plaats. Bij de steekproefsgewijze controle toont de subsidieontvanger aan:
a. dat de subsidie is ingezet voor personele uren als bedoeld in artikel 3, eerste lid;
b. dat de subsidie is ingezet voor activiteiten, gericht op het doel van de brugfunctie, bedoeld in artikel 3, tweede lid;
c. welke activiteiten, als bedoeld in artikel 3, derde lid, zijn uitgevoerd om bij te dragen aan het doel van de brugfunctie; en
d. dat overleg heeft plaatsgevonden met betrokken gemeenten en samenwerkingsverbanden voordat gestart is met de brugfunctionaris.
2. Indien de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt in zijn geheel zijn verricht en volledig is voldaan aan de verplichtingen die verbonden zijn aan de verleende subsidie, kan het niet aangewende deel van de subsidie, bedoeld in artikel 8worden besteed aan andere activiteiten waarvoor aan het bevoegd gezag bekostiging wordt verstrekt.
3. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn. In dit kader vindt in ieder geval een steekproefsgewijze controle door de minister plaats. Bij de steekproefsgewijze controle toont de subsidieontvanger aan:
a. dat de subsidie is ingezet voor personele uren als bedoeld in artikel 3, eerste lid;
b. dat de subsidie is ingezet voor activiteiten, gericht op het doel van de brugfunctie, bedoeld in artikel 3, tweede lid;
c. welke activiteiten, als bedoeld in artikel 3, derde lid, zijn uitgevoerd om bij te dragen aan het doel van de brugfunctie; en
d. dat overleg heeft plaatsgevonden met betrokken gemeenten en samenwerkingsverbanden voordat gestart is met de brugfunctionaris.