BWBR0048724
Geldig vanaf 2024-11-18
Artikel 7
Regeling specifieke uitkering woningbouw op korte termijn door bovenplanse infrastructuur
De minister beslist geheel of gedeeltelijk afwijzend op een aanvraag indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan de bij deze regeling gestelde voorschriften;
b. het aantal op de woningbouwlocatie te realiseren woningen lager is dan het bij die woningbouwlocatie in de bijlage genoemde aantal;
c. indien het aantal op de woningbouwlocatie te realiseren betaalbare woningen minder is dan 50% van het totaal, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 9, tiende lid;
d. indien naar het oordeel van de minister onvoldoende zekerheid bestaat dat de aanvrager de realisatie van de betreffende infrastructurele voorzieningen kan financieren; of
e. indien naar het oordeel van de minister op het moment van indiening van de aanvraag niet aannemelijk is dat zal worden voldaan aan een van de verplichtingen genoemd in artikel 9, derde tot en met vijfde lid.
a. de aanvraag niet voldoet aan de bij deze regeling gestelde voorschriften;
b. het aantal op de woningbouwlocatie te realiseren woningen lager is dan het bij die woningbouwlocatie in de bijlage genoemde aantal;
c. indien het aantal op de woningbouwlocatie te realiseren betaalbare woningen minder is dan 50% van het totaal, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 9, tiende lid;
d. indien naar het oordeel van de minister onvoldoende zekerheid bestaat dat de aanvrager de realisatie van de betreffende infrastructurele voorzieningen kan financieren; of
e. indien naar het oordeel van de minister op het moment van indiening van de aanvraag niet aannemelijk is dat zal worden voldaan aan een van de verplichtingen genoemd in artikel 9, derde tot en met vijfde lid.