BWBR0048597
Geldig vanaf 2023-09-05
Artikel 10
Subsidieregeling Onderwijsregio’s
1. De activiteiten waarvoor op grond van dit hoofdstuk subsidie wordt verstrekt, worden uitgevoerd in de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2024.
2. De penvoerder van de onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de deelnemende partijen uit de aanvraag meewerken aan monitoring en evaluatie van deze regeling.
3. De penvoerder van de onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de deelnemende partijen uit de aanvraag op verzoek van de minister of de Realisatie-Eenheid actief meewerken aan kennisdelingsactiviteiten.
4. De penvoerder onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de opleidingsscholen binnen de onderwijsregio ten minste iedere zes jaar een ontwikkelingsgerichte peer review organiseert, met dien verstande dat de eerste ontwikkelingsgerichte peer review wordt georganiseerd binnen vier jaar na de beoordelingsgerichte peer review waarmee de basiskwaliteit is vastgesteld. De ontwikkelingsgerichte peer review vindt plaats door een onafhankelijk panel bestaand uit in ieder geval vertegenwoordigers van ten minste twee andere opleidingsscholen.
5. De penvoerder onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat in het jaar waarin de opleidingsscholen binnen de onderwijsregio de ontwikkelingsgerichte peer review organiseren, de opleidingsscholen het rapport van de ontwikkelingsgerichte peer review aanleveren.
6. De vestigingen van opleidingsscholen en aspirant-opleidingsscholen binnen een onderwijsregio leiden in schooljaar 2022–2023 gezamenlijk minimaal 150 studenten en zij-instromers op. Alle studenten en zij-instromers, die in schooljaar 2022–2023 zijn opgeleid binnen vestigingen van opleidingsscholen en vestigingen van aspirant opleidingsscholen binnen een onderwijsregio tellen mee.
7. In afwijking van artikel 5.2 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSis de penvoerder ervoor verantwoordelijk dat een administratie wordt bijgehouden:
a. waarin inzichtelijk en controleerbaar het aantal studenten en zij-instromers is geregistreerd, dat in schooljaar 2022–2023 op de vestigingen van opleidingsscholen en aspirant-opleidingsscholen binnen een onderwijsregio is opgeleid;
b. die zodanig is opgezet dat deze voldoende waarborgen biedt voor correcte en adequate rapportages; en
c. die voldoende mogelijkheden biedt voor een goede accountantscontrole op de juistheid van de in onderdeel a genoemde gegevens.
2. De penvoerder van de onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de deelnemende partijen uit de aanvraag meewerken aan monitoring en evaluatie van deze regeling.
3. De penvoerder van de onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de deelnemende partijen uit de aanvraag op verzoek van de minister of de Realisatie-Eenheid actief meewerken aan kennisdelingsactiviteiten.
4. De penvoerder onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat de opleidingsscholen binnen de onderwijsregio ten minste iedere zes jaar een ontwikkelingsgerichte peer review organiseert, met dien verstande dat de eerste ontwikkelingsgerichte peer review wordt georganiseerd binnen vier jaar na de beoordelingsgerichte peer review waarmee de basiskwaliteit is vastgesteld. De ontwikkelingsgerichte peer review vindt plaats door een onafhankelijk panel bestaand uit in ieder geval vertegenwoordigers van ten minste twee andere opleidingsscholen.
5. De penvoerder onderwijsregio is ervoor verantwoordelijk dat in het jaar waarin de opleidingsscholen binnen de onderwijsregio de ontwikkelingsgerichte peer review organiseren, de opleidingsscholen het rapport van de ontwikkelingsgerichte peer review aanleveren.
6. De vestigingen van opleidingsscholen en aspirant-opleidingsscholen binnen een onderwijsregio leiden in schooljaar 2022–2023 gezamenlijk minimaal 150 studenten en zij-instromers op. Alle studenten en zij-instromers, die in schooljaar 2022–2023 zijn opgeleid binnen vestigingen van opleidingsscholen en vestigingen van aspirant opleidingsscholen binnen een onderwijsregio tellen mee.
7. In afwijking van artikel 5.2 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSis de penvoerder ervoor verantwoordelijk dat een administratie wordt bijgehouden:
a. waarin inzichtelijk en controleerbaar het aantal studenten en zij-instromers is geregistreerd, dat in schooljaar 2022–2023 op de vestigingen van opleidingsscholen en aspirant-opleidingsscholen binnen een onderwijsregio is opgeleid;
b. die zodanig is opgezet dat deze voldoende waarborgen biedt voor correcte en adequate rapportages; en
c. die voldoende mogelijkheden biedt voor een goede accountantscontrole op de juistheid van de in onderdeel a genoemde gegevens.