BWBR0048384
Geldig vanaf 2025-06-30
Artikel 5
Subsidieregeling onderwijscoalities af- en ombouw gesloten jeugdhulp
1. Subsidie kan worden aangevraagd door een samenwerkingsverband, niet zijnde het landelijk samenwerkingsverband, dat optreedt als penvoerder namens een coalitie.
2. Een coalitie voldoet ten minste aan de volgende eisen:
a. een coalitie bestaat uit ten minste twee samenwerkingsverbanden;
b. in de coalitie treedt één samenwerkingsverband op als penvoerder namens de deelnemende samenwerkingsverbanden;
c. een samenwerkingsverband in de coalitie neemt niet deel aan meerdere coalities tegelijk;
d. de coalitie vormt een logisch geografisch afgebakend geheel, door bestaande samenwerkingsrelaties of geografische grenzen, waar mogelijk aansluitend op het bovenregionaal gebied.
3. Een coalitie weigert geen scholen op het terrein van accommodaties gesloten jeugdhulp die zich in het kader van de subsidieaanvraag bij die coalitie willen aansluiten.
3a. Een coalitie die een subsidieaanvraag doet als bedoeld in artikel 3, lid 1a, weigert geen mbo-instellingen die zich in het kader van die subsidieaanvraag bij de coalitie willen aansluiten.
4. Subsidie wordt aangevraagd door, verleend aan en verantwoord door de penvoerder.
5. Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke partij feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende werkzaamheden.
2. Een coalitie voldoet ten minste aan de volgende eisen:
a. een coalitie bestaat uit ten minste twee samenwerkingsverbanden;
b. in de coalitie treedt één samenwerkingsverband op als penvoerder namens de deelnemende samenwerkingsverbanden;
c. een samenwerkingsverband in de coalitie neemt niet deel aan meerdere coalities tegelijk;
d. de coalitie vormt een logisch geografisch afgebakend geheel, door bestaande samenwerkingsrelaties of geografische grenzen, waar mogelijk aansluitend op het bovenregionaal gebied.
3. Een coalitie weigert geen scholen op het terrein van accommodaties gesloten jeugdhulp die zich in het kader van de subsidieaanvraag bij die coalitie willen aansluiten.
3a. Een coalitie die een subsidieaanvraag doet als bedoeld in artikel 3, lid 1a, weigert geen mbo-instellingen die zich in het kader van die subsidieaanvraag bij de coalitie willen aansluiten.
4. Subsidie wordt aangevraagd door, verleend aan en verantwoord door de penvoerder.
5. Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke partij feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende werkzaamheden.