BWBR0048113
Geldig vanaf 08-04-2026
Artikel 9j
Subsidieregeling Maatschappelijke Diensttijd (MDT)
1. In 2026 kan een aanvraag voor subsidie worden ingediend in de periode van 7 mei 2026, 9.00 uur tot en met 2 juli 2026, 13.00 uur. Aanvragen die buiten de aanvraagperiode zijn ingediend, worden afgewezen.
2. De penvoerder verklaart in het aanvraagformulier of zij op 1 januari 2026 aan haar gelieerde organisaties heeft. De penvoerder verklaart tevens of de aan haar gelieerde organisaties MDT-subsidie aanvragen of reeds ontvangen.
3. Een penvoerder kan namens de aan haar gelieerde organisaties maximaal één subsidieaanvraag indienen in 2026.
4. Een subsidieaanvraag bevat in ieder geval:
a. het aanvraagformulier;
b. een activiteitenplan;
c. een begroting;
d. een samenwerkingsovereenkomst, ondertekend door alle partijen die onderdeel zijn van het partnerschap;
e. een cofinancieringsverklaring, ondertekend door de cofinancierder en de penvoerder.
5. De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van de door de minister vastgestelde formats, bekendgemaakt op de website van DUS-I.
6. De penvoerder verklaart in het aanvraagformulier dat een MDT-traject niet leidt tot stage- of werkverdringing.
7. De penvoerder verstrekt bij de subsidieaanvraag de twee meest recente jaarrekeningen:
a. Indien de penvoerder controleplichtig is als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dienen de twee meest recente jaarrekeningen voorzien te zijn van een controleverklaring door een accountant;
b. Indien de penvoerder niet controleplichtig is als bedoeld in onderdeel a, dient de meest recente jaarrekening voorzien te zijn van een beoordelingsverklaring door een accountant.
8. Het zevende lid is niet van toepassing indien de penvoerder een onderwijsinstelling is als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.
9. Een subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingskader, bedoeld in bijlage 2.
2. De penvoerder verklaart in het aanvraagformulier of zij op 1 januari 2026 aan haar gelieerde organisaties heeft. De penvoerder verklaart tevens of de aan haar gelieerde organisaties MDT-subsidie aanvragen of reeds ontvangen.
3. Een penvoerder kan namens de aan haar gelieerde organisaties maximaal één subsidieaanvraag indienen in 2026.
4. Een subsidieaanvraag bevat in ieder geval:
a. het aanvraagformulier;
b. een activiteitenplan;
c. een begroting;
d. een samenwerkingsovereenkomst, ondertekend door alle partijen die onderdeel zijn van het partnerschap;
e. een cofinancieringsverklaring, ondertekend door de cofinancierder en de penvoerder.
5. De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van de door de minister vastgestelde formats, bekendgemaakt op de website van DUS-I.
6. De penvoerder verklaart in het aanvraagformulier dat een MDT-traject niet leidt tot stage- of werkverdringing.
7. De penvoerder verstrekt bij de subsidieaanvraag de twee meest recente jaarrekeningen:
a. Indien de penvoerder controleplichtig is als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dienen de twee meest recente jaarrekeningen voorzien te zijn van een controleverklaring door een accountant;
b. Indien de penvoerder niet controleplichtig is als bedoeld in onderdeel a, dient de meest recente jaarrekening voorzien te zijn van een beoordelingsverklaring door een accountant.
8. Het zevende lid is niet van toepassing indien de penvoerder een onderwijsinstelling is als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.
9. Een subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingskader, bedoeld in bijlage 2.
- Citeren als
- Art. 9j
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048113
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl