BWBR0048092
Geldig vanaf 2023-05-01
Artikel 28
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2023
1. De minister stelt de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de desbetreffende eindverantwoording, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, is ontvangen, vast op het bedrag dat is bepaald in de verlening indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en daarnaast volledig is voldaan aan de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in de artikelen 11, 16, derde lid, 18, 23, derde lid, respectievelijk artikel 25, en aan de verplichting, bedoeld in artikel 12, respectievelijk artikel 19.
2. De minister kan de specifieke uitkering vaststellen op een lager bedrag dan is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend, niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in de artikelen 11, 16, derde lid, 18, 23, derde lid, respectievelijk artikel 25en de verplichting, bedoeld in artikel 12, respectievelijk artikel 19.
2. De minister kan de specifieke uitkering vaststellen op een lager bedrag dan is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend, niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in de artikelen 11, 16, derde lid, 18, 23, derde lid, respectievelijk artikel 25en de verplichting, bedoeld in artikel 12, respectievelijk artikel 19.