BWBR0047844
Geldig vanaf 2025-06-29
Artikel 1
Regeling specifieke uitkering Lokale Aanpak Isolatie
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
bouwbedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie;
college: college van burgemeester en wethouders;
doe-het-zelfmaatregel: maatregel als bedoeld in artikel 2, tweede lid, die door een ander wordt uitgevoerd dan door een bouwbedrijf;
energielabel: een energielabel als bedoeld in bijlage I bij artikel 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
energiezuinige ventilatiemaatregelen: het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor een CO2-gestuurde ventilatie of het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%;
gemengde vereniging: vereniging van eigenaars, woonvereniging of wooncoöperatie ten behoeve van gebouwen waarin zich ten minste één woning van een eigenaar-bewoner bevindt;
isolatieprogramma: isolatieprogramma als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
minister: Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
slecht geïsoleerde woning: een woning: a. van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
b. in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden getroffen; of
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren,
c. waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, zijn getroffen op basis van deze regeling en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder a of b;
a. van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
b. in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden getroffen; of
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren,
c. waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, zijn getroffen op basis van deze regeling en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder a of b;
vereniging van eigenaars: vereniging van de eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;
woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd;
wooncoöperatie: wooncoöperatie als bedoeld in artikel 18a van de Woningwet;
woonvereniging: vereniging die eigenaar is van één of meer gebouwen en waarvan de leden het recht hebben om in een bepaalde woning die onderdeel uitmaakt van dat gebouw of die gebouwen te wonen.
2. Onder eigenaar-bewonerwordt in deze regeling verstaan een natuurlijke persoon die:
a. een woning in eigendom heeft waarin hij zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben;
b. gerechtigde is van een bestaand appartementsrecht en in het desbetreffende appartement zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van dat appartement zal hebben;
c. zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben in een woning van een wooncoöperatie en in verband daarmee lid is van die wooncoöperatie; of
d. op basis van zijn lidmaatschap van een woonvereniging het recht heeft om in een woning te wonen en daarin zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben.
3. Onder appartementwordt in deze regeling verstaan:
a. aandeel in een gebouw waarvoor een vereniging van eigenaars is opgericht, omvattende de bevoegdheid tot het uitsluitend gebruik van een woning;
b. woning in een gebouw, waarvoor een wooncoöperatie is opgericht; of
c. woning in een gebouw van een woonvereniging.
bouwbedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie;
college: college van burgemeester en wethouders;
doe-het-zelfmaatregel: maatregel als bedoeld in artikel 2, tweede lid, die door een ander wordt uitgevoerd dan door een bouwbedrijf;
energielabel: een energielabel als bedoeld in bijlage I bij artikel 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
energiezuinige ventilatiemaatregelen: het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor een CO2-gestuurde ventilatie of het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%;
gemengde vereniging: vereniging van eigenaars, woonvereniging of wooncoöperatie ten behoeve van gebouwen waarin zich ten minste één woning van een eigenaar-bewoner bevindt;
isolatieprogramma: isolatieprogramma als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
minister: Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
slecht geïsoleerde woning: een woning: a. van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
b. in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden getroffen; of
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren,
c. waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, zijn getroffen op basis van deze regeling en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder a of b;
a. van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren;
b. in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden getroffen; of
1°. de vloer en de bodem;
2°. de gevel, waaronder de spouwmuur;
3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren,
c. waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, zijn getroffen op basis van deze regeling en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder a of b;
vereniging van eigenaars: vereniging van de eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;
woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd;
wooncoöperatie: wooncoöperatie als bedoeld in artikel 18a van de Woningwet;
woonvereniging: vereniging die eigenaar is van één of meer gebouwen en waarvan de leden het recht hebben om in een bepaalde woning die onderdeel uitmaakt van dat gebouw of die gebouwen te wonen.
2. Onder eigenaar-bewonerwordt in deze regeling verstaan een natuurlijke persoon die:
a. een woning in eigendom heeft waarin hij zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben;
b. gerechtigde is van een bestaand appartementsrecht en in het desbetreffende appartement zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van dat appartement zal hebben;
c. zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben in een woning van een wooncoöperatie en in verband daarmee lid is van die wooncoöperatie; of
d. op basis van zijn lidmaatschap van een woonvereniging het recht heeft om in een woning te wonen en daarin zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben.
3. Onder appartementwordt in deze regeling verstaan:
a. aandeel in een gebouw waarvoor een vereniging van eigenaars is opgericht, omvattende de bevoegdheid tot het uitsluitend gebruik van een woning;
b. woning in een gebouw, waarvoor een wooncoöperatie is opgericht; of
c. woning in een gebouw van een woonvereniging.