BWBR0046803
Geldig vanaf 2022-06-25
Artikel 5
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directie Meldingen en Verzoeken 2022
De functioneel leidinggevenden zijn verantwoordelijk voor de volgende taken:
a. de operationele aansturing van het programmatische/actieve en responsieve/reactieve toezicht dat uitgevoerd wordt door een regionaal team;
b. het zorg dragen voor de borging van uniformiteit en kwaliteit van specifieke werkprocessen en het leveren van input voor richtlijnen en procedures;
c. het verzamelen van input op hoofdprocessen, waaronder in ieder geval begrepen inspecteren en signaleren;
d. het functioneel aansturen van de medewerkers die onderdeel zijn van het team en het vormgeven aan de P-zorg voor zover passend binnen de uitvoering van het werk of project;
e. het zorg dragen voor een passende operationele planning voor het team waaraan functioneel leiding wordt gegeven en het aansturen op een adequate productiviteit;
f. het in voorkomende gevallen vervullen van de opdrachtnemersrol met betrekking tot interventies die door het team worden uitgevoerd in opdracht van een of meer programma’s;
g. het sturen op de uitvoering van deze opdrachten volgens de projectplannen van de Nederlandse Arbeidsinspectie en een adequate terugkoppeling naar het programma kernteam; het in die rol doen uitvoeren van toezichtinterventies en uitvoeren van handhavingscorrespondentie;
h. het bijdragen aan de ontwikkeling en borging van regionale netwerken;
i. het in afstemming met de afdeling MIC op verzoek van het externe netwerk organiseren van gezamenlijk optreden en effectieve behandeling van signalering- of samenwerkingsverzoeken;
j. het sturen op de kwantiteit en kwaliteit van de opvolging van meldingen en verzoeken;
k. het afstemmen met de collega functioneel leidinggevenden over teamoverstijgende operationele zaken;
l. het samen met de teammanager van het team organiseren van de wenselijke vormen van teamoverleg gericht op de uitvoering van het werk;
m. het rapporteren aan het afdelingshoofd.
a. de operationele aansturing van het programmatische/actieve en responsieve/reactieve toezicht dat uitgevoerd wordt door een regionaal team;
b. het zorg dragen voor de borging van uniformiteit en kwaliteit van specifieke werkprocessen en het leveren van input voor richtlijnen en procedures;
c. het verzamelen van input op hoofdprocessen, waaronder in ieder geval begrepen inspecteren en signaleren;
d. het functioneel aansturen van de medewerkers die onderdeel zijn van het team en het vormgeven aan de P-zorg voor zover passend binnen de uitvoering van het werk of project;
e. het zorg dragen voor een passende operationele planning voor het team waaraan functioneel leiding wordt gegeven en het aansturen op een adequate productiviteit;
f. het in voorkomende gevallen vervullen van de opdrachtnemersrol met betrekking tot interventies die door het team worden uitgevoerd in opdracht van een of meer programma’s;
g. het sturen op de uitvoering van deze opdrachten volgens de projectplannen van de Nederlandse Arbeidsinspectie en een adequate terugkoppeling naar het programma kernteam; het in die rol doen uitvoeren van toezichtinterventies en uitvoeren van handhavingscorrespondentie;
h. het bijdragen aan de ontwikkeling en borging van regionale netwerken;
i. het in afstemming met de afdeling MIC op verzoek van het externe netwerk organiseren van gezamenlijk optreden en effectieve behandeling van signalering- of samenwerkingsverzoeken;
j. het sturen op de kwantiteit en kwaliteit van de opvolging van meldingen en verzoeken;
k. het afstemmen met de collega functioneel leidinggevenden over teamoverstijgende operationele zaken;
l. het samen met de teammanager van het team organiseren van de wenselijke vormen van teamoverleg gericht op de uitvoering van het werk;
m. het rapporteren aan het afdelingshoofd.