BWBR0046579
Geldig vanaf 2022-04-22
Artikel 6
Besluit mandaat, ondermandaat, volmacht en machtiging SodM 2021
1. Aan de coördinerend/specialistisch inspecteurs, senior inspecteurs en inspecteurs, coördinerend/specialistisch adviseurs, senior adviseurs, adviseurs, coördinerend jurist, senior juristen, juristen en medewerkers behandelen en ontwikkelen wordt machtiging verleend voor het afhandelen van correspondentie op hun werkterrein.
2. Aan de coördinerend/specialistisch inspecteurs, senior inspecteurs, inspecteurs, coördinerend/specialistisch adviseurs, senior adviseurs, en adviseurs wordt machtiging verleend voor de behandeling van adviesaanvragen op hun werkterrein door de Minister van Economische Zaken en Klimaat, met inbegrip van het geven van advies.
3. Aan de coördinerend jurist wordt, onverminderd het eerste en vierde lid, machtiging verleend voor:
a. de behandeling van bezwaarschriften, met uitzondering van het nemen van een beslissing op bezwaar;
b. het voeren van beroeps- en hoger beroepsprocedures;
c. het voeren van procedures inzake voorlopige voorzieningen, met uitzondering van het voeren van verweer.
4. Aan de coördinerend jurist en de senior juristen wordt, ieder voor zich, machtiging verleend tot vertegenwoordiging bij bestuursrechtelijke geschillen. Tevens zijn zij bevoegd om voor de behandeling van een geschil één of meer personen als medegemachtigde te introduceren.
2. Aan de coördinerend/specialistisch inspecteurs, senior inspecteurs, inspecteurs, coördinerend/specialistisch adviseurs, senior adviseurs, en adviseurs wordt machtiging verleend voor de behandeling van adviesaanvragen op hun werkterrein door de Minister van Economische Zaken en Klimaat, met inbegrip van het geven van advies.
3. Aan de coördinerend jurist wordt, onverminderd het eerste en vierde lid, machtiging verleend voor:
a. de behandeling van bezwaarschriften, met uitzondering van het nemen van een beslissing op bezwaar;
b. het voeren van beroeps- en hoger beroepsprocedures;
c. het voeren van procedures inzake voorlopige voorzieningen, met uitzondering van het voeren van verweer.
4. Aan de coördinerend jurist en de senior juristen wordt, ieder voor zich, machtiging verleend tot vertegenwoordiging bij bestuursrechtelijke geschillen. Tevens zijn zij bevoegd om voor de behandeling van een geschil één of meer personen als medegemachtigde te introduceren.