BWBR0046503
Geldig vanaf 2022-04-01
Artikel 4
Regeling opvang ontheemden Oekraïne
1. Het college van burgemeester en wethouders kan een ontheemde uitsluiten van de opvang, bedoeld in het artikel 2, eerste lid, indien:
a. de ontheemde rechtens van zijn vrijheid is ontnomen;
b. door de Minister belast met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 is geoordeeld dat betrokkene tijdelijke bescherming wordt geweigerd vanwege het bepaalde in artikel 28 van de Richtlijn;
c. de ontheemde tevens de Nederlandse nationaliteit bezit.
2. Het recht op opvang van een ontheemde wiens asielaanvraag die recht op opvang heeft gegeven is afgewezen, eindigt indien de tijdelijke bescherming is geëindigd en de vertrektermijn als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0011823/artikel/62" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 62 van de Vreemdelingenwet 2000</a>is verstreken.
a. de ontheemde rechtens van zijn vrijheid is ontnomen;
b. door de Minister belast met de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000 is geoordeeld dat betrokkene tijdelijke bescherming wordt geweigerd vanwege het bepaalde in artikel 28 van de Richtlijn;
c. de ontheemde tevens de Nederlandse nationaliteit bezit.
2. Het recht op opvang van een ontheemde wiens asielaanvraag die recht op opvang heeft gegeven is afgewezen, eindigt indien de tijdelijke bescherming is geëindigd en de vertrektermijn als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0011823/artikel/62" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 62 van de Vreemdelingenwet 2000</a>is verstreken.