BWBR0045371
Geldig vanaf 2022-01-01
Artikel 18
Regeling uitvoering beveiliging burgerluchtvaart 2021
1. De aanvraag om instemming van de ingebruikname van explosievenspeurhonden, bedoeld in artikel 37acb van de wet, wordt door de exploitant van een luchtvaartterrein, de luchtvaartmaatschappij of de entiteit door tussenkomst van de commandant van de Koninklijke marechaussee ingediend bij de Minister van Justitie en Veiligheid.
2. Bij de aanvraag worden in ieder geval de volgende bescheiden overgelegd:
a. een bewijs dat de explosievenspeurhond en zijn begeleider met succes een relevante opleiding op het gebied van de beveiliging van de burgerluchtvaart hebben doorlopen;
b. een bewijs dat de explosievenspeurhond en zijn begeleider voldoen aan de bij of krachtens EU-verordening 2015/1998 vastgestelde prestatieverklaring.
3. Met het oog op de instemming door de Minister van Justitie en Veiligheid adviseert de commandant van de Koninklijke marechaussee de Minister van Justitie en Veiligheid over de ingebruikname van de explosievenspeurhonden.
2. Bij de aanvraag worden in ieder geval de volgende bescheiden overgelegd:
a. een bewijs dat de explosievenspeurhond en zijn begeleider met succes een relevante opleiding op het gebied van de beveiliging van de burgerluchtvaart hebben doorlopen;
b. een bewijs dat de explosievenspeurhond en zijn begeleider voldoen aan de bij of krachtens EU-verordening 2015/1998 vastgestelde prestatieverklaring.
3. Met het oog op de instemming door de Minister van Justitie en Veiligheid adviseert de commandant van de Koninklijke marechaussee de Minister van Justitie en Veiligheid over de ingebruikname van de explosievenspeurhonden.