BWBR0044863
Geldig vanaf 2021-03-01
Artikel 13
Regeling plantgezondheid
1. In de in bijlage 2aangewezen beschermde gebieden is het opplanten, bewaren en vervoeren verboden van planten van:
a. Cotoneaster floccosus, Cotoneaster salicifolius en Cotoneaster watereri en de daartoe behorende cultivars en van het geslacht Photinia davidiana (Stranvaesia Hort.);
b. Crataegus calycina, Crataegus laevigata en Crataegus monogyna met uitzondering van de daartoe behorende cultivars.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor de in onderdeel b genoemde planten:
a. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in het kader van de bedrijfsmatige teelt van boomkwekerijgewassen;
b. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in de in bijlage 2 apart aangewezen gebieden waarin de meidoorn een landschappelijk bepalende rol speelt.
a. Cotoneaster floccosus, Cotoneaster salicifolius en Cotoneaster watereri en de daartoe behorende cultivars en van het geslacht Photinia davidiana (Stranvaesia Hort.);
b. Crataegus calycina, Crataegus laevigata en Crataegus monogyna met uitzondering van de daartoe behorende cultivars.
2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet voor de in onderdeel b genoemde planten:
a. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in het kader van de bedrijfsmatige teelt van boomkwekerijgewassen;
b. voor zover de bedoelde handelingen plaatsvinden in de in bijlage 2 apart aangewezen gebieden waarin de meidoorn een landschappelijk bepalende rol speelt.