BWBR0044752
Geldig vanaf 2022-04-30
Artikel 9.6
Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19
1. Indien de tegemoetkoming minder dan € 100.000 bedraagt, kan de minister een steekproef uitvoeren voor de vaststelling van de tegemoetkoming.
2. Op verzoek van de minister toont de ontvanger in het kader van de steekproef aan dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 9van deze beleidsregel door het overleggen van in ieder geval:
a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in de vierde tranche;
b. een schriftelijke mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende de vierde tranche is kwijtgescholden.
3. Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 31 december 2023 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
4. Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a en b, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
2. Op verzoek van de minister toont de ontvanger in het kader van de steekproef aan dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 9van deze beleidsregel door het overleggen van in ieder geval:
a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in de vierde tranche;
b. een schriftelijke mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende de vierde tranche is kwijtgescholden.
3. Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 31 december 2023 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
4. Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a en b, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.