BWBR0044752
Geldig vanaf 2022-04-30
Artikel 4.1
Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19
1. De minister kan op aanvraag een tegemoetkoming verstrekken aan een amateursportorganisatie die in Q1 2021 ten minste 10% omzetverlies heeft geleden als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19.
2. Een amateursportorganisatie komt in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4indien de amateursportorganisatie:
a. een privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;
b. geen winstoogmerk heeft; en
c. in het handelsregister staat ingeschreven met een SBI-code uit bijlage I.
3. Een amateursportorganisatie komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4.
4. De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor een tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid, indien de aanvrager voor de financiële schade, bedoeld in artikel 4.2, reeds een subsidie ontvangt op grond van de TVL, tenzij de tegemoetkoming uitsluitend betrekking heeft op personeelskosten die niet reeds geheel of gedeeltelijk op grond van de NOW of de Tozozijn gecompenseerd.
2. Een amateursportorganisatie komt in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4indien de amateursportorganisatie:
a. een privaatrechtelijke rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;
b. geen winstoogmerk heeft; en
c. in het handelsregister staat ingeschreven met een SBI-code uit bijlage I.
3. Een amateursportorganisatie komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 4.
4. De minister beslist afwijzend op een aanvraag voor een tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid, indien de aanvrager voor de financiële schade, bedoeld in artikel 4.2, reeds een subsidie ontvangt op grond van de TVL, tenzij de tegemoetkoming uitsluitend betrekking heeft op personeelskosten die niet reeds geheel of gedeeltelijk op grond van de NOW of de Tozozijn gecompenseerd.