BWBR0044752
Geldig vanaf 2022-04-30
Artikel 5.6
Beleidsregel tegemoetkoming amateursportorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19
1. Indien de tegemoetkoming minder dan € 100.000 bedraagt, kan de minister een steekproef uitvoeren voor de vaststelling van de tegemoetkoming.
2. Op verzoek van de minister toont de ontvanger na de verlening aan dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 5van deze beleidsregel door het overleggen van in ieder geval:
a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in Q1 2021;
b. een schriftelijke mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende Q1 2021 is kwijtgescholden.
3. Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 12 december 2022 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
4. Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a en b, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
2. Op verzoek van de minister toont de ontvanger na de verlening aan dat hij voldoet aan de voorwaarden uit hoofdstuk 5van deze beleidsregel door het overleggen van in ieder geval:
a. een overzicht van de kwijtgescholden huur per amateursportorganisatie in Q1 2021;
b. een schriftelijke mededeling van de gemeente, het sportbedrijf of de particuliere verhuurder aan de amateursportorganisaties dat de huur gedurende Q1 2021 is kwijtgescholden.
3. Indien de tegemoetkoming niet binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming uiterlijk 12 december 2022 ambtshalve vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.
4. Indien de tegemoetkoming binnen de steekproef als bedoeld in het eerste lid valt, wordt de tegemoetkoming binnen dertien weken na ontvangst van de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onder a en b, vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd.