BWBR0044317
Geldig vanaf 2021-09-29
Artikel 9
Tijdelijke wet verkiezingen covid-19
1. De kiezer ontvangt uiterlijk op de vierde dag voor de dag van de stemming van de burgemeester informatie over de gezondheidscheck. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld. Voorts krijgt de kiezer op de dag van de stemming bij de ingang van het stemlokaal informatie over de in het vierde lid bedoelde regels. Bij ministeriële regeling kan voor de te verstrekken informatie bij de ingang van het stemlokaal een model worden vastgesteld.
2. De kiezer beantwoordt voor zichzelf de vragen uit de gezondheidscheck. De kiezer die weet dat hij niet aan de gezondheidscheck voldoet, betreedt, in afwijking van de artikelen J 24, eerste lid, en J 35, eerste lid, van de Kieswet, het stemlokaal niet.
3. Burgemeester en wethouders nemen voorafgaand aan de zitting van een stembureau een gezondheidscheck af bij de leden van het stembureau, de waarnemers, bedoeld in artikel 13, en andere personen die het stembureau ten dienste worden gesteld of bijstaan op de locatie waar en gedurende de periode dat het stembureau zitting houdt. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld. Indien één van de voornoemde personen niet aan de gezondheidscheck voldoet, kan de betrokkene zijn functie niet vervullen. De gezondheidscheck kan gedurende de tijd dat een stembureau zitting houdt worden herhaald.
4. In het stemlokaal nemen de aanwezige personen de bij ministeriële regeling vast te stellen maatregelen met betrekking tot de hygiëne en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in het stemlokaal in acht.
5. De in artikel J 28 van de Kieswetbedoelde kiezer die van het stembureau bijstand verlangt, kan door een stembureaulid gevraagd worden een gezondheidscheck over te leggen. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld.
6. Indien een lid van het stembureau van oordeel is dat de omstandigheden bij de ingang van of in het stemlokaal zodanig zijn dat de daar aanwezige personen artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheidof het bepaalde bij of krachtens dit artikel niet in acht nemen of kunnen nemen, kan het stembureaulid de aanwijzingen geven die nodig zijn om de naleving daarvan te verzekeren. De aanwijzing dat een kiezer het stemlokaal niet mag betreden, of dat een kiezer het stemlokaal moet verlaten voordat hij zijn stem heeft uitgebracht, kan enkel worden gegeven door het stembureaulid bij de ingang van het stemlokaal respectievelijk de voorzitter van het stembureau.
7. Artikel 1, eerste lid, van de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding is niet van toepassing voor zover de bij die bepaling verboden gezichtsbedekking geheel of gedeeltelijk het gevolg is van het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen.
8. Onder stemlokaal wordt voor de toepassing van dit artikel tevens verstaan een plaats waar het stembureau de stemopneming verricht.
9. In een gebouw waar een stemlokaal is aangewezen, gelden voor kiezers, stembureauleden en waarnemers als bedoeld in artikel 13geen andere voorschriften teneinde besmetting met of overdracht van het coronavirus te voorkomen dan bij of krachtens de wet gestelde regels.
10. Het negende lid is niet van toepassing op een gebouw waarin een stembureau als bedoeld in de artikelen 3en 4zitting houdt.
11. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat het eerste tot en met het zesde lid, dan wel onderdelen daarvan, niet van toepassing zijn, indien dat gelet op de gewijzigde omstandigheden met betrekking tot het coronavirus niet langer noodzakelijk is. In die regeling kan tevens worden bepaald dat de daarin genoemde bepalingen of onderdelen daarvan in een of meerdere gemeenten van het Europese deel van Nederland, dan wel in Bonaire, Sint Eustatius of Saba niet van toepassing zijn.
2. De kiezer beantwoordt voor zichzelf de vragen uit de gezondheidscheck. De kiezer die weet dat hij niet aan de gezondheidscheck voldoet, betreedt, in afwijking van de artikelen J 24, eerste lid, en J 35, eerste lid, van de Kieswet, het stemlokaal niet.
3. Burgemeester en wethouders nemen voorafgaand aan de zitting van een stembureau een gezondheidscheck af bij de leden van het stembureau, de waarnemers, bedoeld in artikel 13, en andere personen die het stembureau ten dienste worden gesteld of bijstaan op de locatie waar en gedurende de periode dat het stembureau zitting houdt. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld. Indien één van de voornoemde personen niet aan de gezondheidscheck voldoet, kan de betrokkene zijn functie niet vervullen. De gezondheidscheck kan gedurende de tijd dat een stembureau zitting houdt worden herhaald.
4. In het stemlokaal nemen de aanwezige personen de bij ministeriële regeling vast te stellen maatregelen met betrekking tot de hygiëne en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen in het stemlokaal in acht.
5. De in artikel J 28 van de Kieswetbedoelde kiezer die van het stembureau bijstand verlangt, kan door een stembureaulid gevraagd worden een gezondheidscheck over te leggen. Bij ministeriële regeling wordt hiervoor een model vastgesteld.
6. Indien een lid van het stembureau van oordeel is dat de omstandigheden bij de ingang van of in het stemlokaal zodanig zijn dat de daar aanwezige personen artikel 58f, eerste lid, van de Wet publieke gezondheidof het bepaalde bij of krachtens dit artikel niet in acht nemen of kunnen nemen, kan het stembureaulid de aanwijzingen geven die nodig zijn om de naleving daarvan te verzekeren. De aanwijzing dat een kiezer het stemlokaal niet mag betreden, of dat een kiezer het stemlokaal moet verlaten voordat hij zijn stem heeft uitgebracht, kan enkel worden gegeven door het stembureaulid bij de ingang van het stemlokaal respectievelijk de voorzitter van het stembureau.
7. Artikel 1, eerste lid, van de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding is niet van toepassing voor zover de bij die bepaling verboden gezichtsbedekking geheel of gedeeltelijk het gevolg is van het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen.
8. Onder stemlokaal wordt voor de toepassing van dit artikel tevens verstaan een plaats waar het stembureau de stemopneming verricht.
9. In een gebouw waar een stemlokaal is aangewezen, gelden voor kiezers, stembureauleden en waarnemers als bedoeld in artikel 13geen andere voorschriften teneinde besmetting met of overdracht van het coronavirus te voorkomen dan bij of krachtens de wet gestelde regels.
10. Het negende lid is niet van toepassing op een gebouw waarin een stembureau als bedoeld in de artikelen 3en 4zitting houdt.
11. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat het eerste tot en met het zesde lid, dan wel onderdelen daarvan, niet van toepassing zijn, indien dat gelet op de gewijzigde omstandigheden met betrekking tot het coronavirus niet langer noodzakelijk is. In die regeling kan tevens worden bepaald dat de daarin genoemde bepalingen of onderdelen daarvan in een of meerdere gemeenten van het Europese deel van Nederland, dan wel in Bonaire, Sint Eustatius of Saba niet van toepassing zijn.