BWBR0043653
Geldig vanaf 2022-02-16
Artikel 7
Subsidieregeling pilot praktijkgericht programma voor gl en tl
1. De subsidieaanvraag kan worden ingediend van 1 juni tot en met 15 september 2020.
2. Voor de subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het digitale aanvraagformulier dat is te vinden op de website www.dus-i.nl.
3. In aanvulling op de artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSbevat de aanvraag een activiteitenplan dat ten minste bevat:
a. de opzet van de activiteiten, waarbij aannemelijk gemaakt wordt dat schooljaar 2020/2021 gebruikt wordt als voorbereiding om in schooljaar 2021/2022 te starten met leerlingen in het praktijkgericht programma in het derde leerjaar. Voor de daaropvolgende jaren wordt een globale planning afgegeven met als doel het praktijkgericht programma in te bedden in het huidige curriculum;
b. een uitwerking van de activiteiten in een planning en sluitende begroting voor schooljaar 2020/2021, aansluitend bij de te subsidiëren activiteiten en kosten, bedoeld in artikel 3, tweede en derde lid, eventueel aangevuld met cofinanciering vanuit het bedrijfsleven;
c. een uitwerking van welke relevante regionale netwerken zoals vmbo’s, vervolgonderwijs, bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen er zijn en hoe de school voornemens is de samenwerking op of uit te bouwen met deze reeds bestaande netwerken;
d. op welke wijze het mbo en havo structureel betrokken worden bij de vormgeving van het onderwijs ten behoeve van het praktijkgericht programma; en
e. de contactgegevens, het emailadres en telefoonnummer van een contactpersoon die gedurende de periode van de pilot het aanspreekpunt is voor de projectgroep nieuwe leerweg, voor de onderzoekers die de pilots evalueren en voor de minister.
2. Voor de subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het digitale aanvraagformulier dat is te vinden op de website www.dus-i.nl.
3. In aanvulling op de artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSbevat de aanvraag een activiteitenplan dat ten minste bevat:
a. de opzet van de activiteiten, waarbij aannemelijk gemaakt wordt dat schooljaar 2020/2021 gebruikt wordt als voorbereiding om in schooljaar 2021/2022 te starten met leerlingen in het praktijkgericht programma in het derde leerjaar. Voor de daaropvolgende jaren wordt een globale planning afgegeven met als doel het praktijkgericht programma in te bedden in het huidige curriculum;
b. een uitwerking van de activiteiten in een planning en sluitende begroting voor schooljaar 2020/2021, aansluitend bij de te subsidiëren activiteiten en kosten, bedoeld in artikel 3, tweede en derde lid, eventueel aangevuld met cofinanciering vanuit het bedrijfsleven;
c. een uitwerking van welke relevante regionale netwerken zoals vmbo’s, vervolgonderwijs, bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen er zijn en hoe de school voornemens is de samenwerking op of uit te bouwen met deze reeds bestaande netwerken;
d. op welke wijze het mbo en havo structureel betrokken worden bij de vormgeving van het onderwijs ten behoeve van het praktijkgericht programma; en
e. de contactgegevens, het emailadres en telefoonnummer van een contactpersoon die gedurende de periode van de pilot het aanspreekpunt is voor de projectgroep nieuwe leerweg, voor de onderzoekers die de pilots evalueren en voor de minister.