BWBR0043653
Geldig vanaf 2022-02-16
Artikel 24
Subsidieregeling pilot praktijkgericht programma voor gl en tl
1. De aanvragen, bedoeld in artikel 21, eerste lid, worden op de volgende wijze verdeeld:
a. zes plekken voor een schoolvestiging of vavo-instelling die het onderwijs, bedoeld in artikel 2.25 van de wet, maar niet het onderwijs, bedoeld in artikel 2.26 of 2.27 van de wet, aanbiedt;
b. zes plekken voor een schoolvestiging die het onderwijs, bedoeld in artikel 2.26 of 2.27 van de wet aanbiedt.
2. Indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 22, eerste lid, ontoereikend is om alle aanvragen, bedoeld in het eerste lid, toe te wijzen, worden de binnengekomen aanvragen door middel van loting gerangschikt.
3. Indien voor een van de categorieën, bedoeld in het eerste lid, minder dan zes aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen, zijn ingediend, worden de resterende plaatsen in afwijking van het eerste lid beschikbaar gesteld voor de andere categorie.
a. zes plekken voor een schoolvestiging of vavo-instelling die het onderwijs, bedoeld in artikel 2.25 van de wet, maar niet het onderwijs, bedoeld in artikel 2.26 of 2.27 van de wet, aanbiedt;
b. zes plekken voor een schoolvestiging die het onderwijs, bedoeld in artikel 2.26 of 2.27 van de wet aanbiedt.
2. Indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 22, eerste lid, ontoereikend is om alle aanvragen, bedoeld in het eerste lid, toe te wijzen, worden de binnengekomen aanvragen door middel van loting gerangschikt.
3. Indien voor een van de categorieën, bedoeld in het eerste lid, minder dan zes aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen, zijn ingediend, worden de resterende plaatsen in afwijking van het eerste lid beschikbaar gesteld voor de andere categorie.