BWBR0042249
Geldig vanaf 2022-03-15
Artikel 9
Regeling Stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland 2019–2023
1. In afwijking van artikel 8.2 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSdient de stichting uiterlijk 6 weken voor de aanvang van het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd een aanvraag in tot subsidieverlening voor het daaropvolgende kalenderjaar aan de hand van een sluitende begroting en een activiteitenplan.
2. In de begroting neemt de stichting in ieder geval een overzicht op van het aantal leerlingen per onderwijsvoorziening dat in aanmerking komt voor de leerlinggebonden subsidie bedoeld onder artikel 3, eerste lid, onder b, op 1 oktober van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarover de subsidie wordt verstrekt.
3. Voor zover van toepassing in afwijking van artikel 8.4 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSwordt de subsidie betaald in maandelijkse gelijke termijnen met uitzondering van de subsidie bedoeld onder artikel 3, eerste lid, onder b, deze zal uiterlijk op 1 februari in zijn geheel worden betaald.
2. In de begroting neemt de stichting in ieder geval een overzicht op van het aantal leerlingen per onderwijsvoorziening dat in aanmerking komt voor de leerlinggebonden subsidie bedoeld onder artikel 3, eerste lid, onder b, op 1 oktober van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarover de subsidie wordt verstrekt.
3. Voor zover van toepassing in afwijking van artikel 8.4 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWSwordt de subsidie betaald in maandelijkse gelijke termijnen met uitzondering van de subsidie bedoeld onder artikel 3, eerste lid, onder b, deze zal uiterlijk op 1 februari in zijn geheel worden betaald.