BWBR0041680
Geldig vanaf 2019-01-01
Artikel 19
Besluit toezicht trustkantoren 2018
1. Een trustkantoor zorgt voor een adequate functiescheiding, waarmee het de onafhankelijke uitvoering van de compliancefunctie en de auditfunctie waarborgt.
2. Met de functiescheiding zorgt een trustkantoor er in elk geval voor dat:
a. natuurlijke personen belast met werkzaamheden ten aanzien van een cliënt niet tevens betrokken zijn bij de uitvoering van de compliancefunctie of de auditfunctie;
b. natuurlijke personen betrokken bij de uitvoering van de compliancefunctie niet tevens betrokken zijn bij de uitvoering van de auditfunctie;
c. een beleidsbepaler van het trustkantoor niet tevens betrokken is bij de uitvoering van de compliancefunctie of de auditfunctie.
3. De compliancefunctie en de auditfunctie rapporteren hun bevindingen, waaronder de gesignaleerde tekortkomingen of gebreken in de naleving van het bij of krachtens de wet bepaalde, interne regels of de effectiviteit van de compliancefunctie, aan het bestuur.
4. De bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de compliancefunctie en de auditfunctie is bij twee verschillende beleidsbepalers belegd.
5. Een trustkantoor houdt de rapportages, bedoeld in het derde lid, gedurende vijf jaar beschikbaar voor De Nederlandsche Bank.
2. Met de functiescheiding zorgt een trustkantoor er in elk geval voor dat:
a. natuurlijke personen belast met werkzaamheden ten aanzien van een cliënt niet tevens betrokken zijn bij de uitvoering van de compliancefunctie of de auditfunctie;
b. natuurlijke personen betrokken bij de uitvoering van de compliancefunctie niet tevens betrokken zijn bij de uitvoering van de auditfunctie;
c. een beleidsbepaler van het trustkantoor niet tevens betrokken is bij de uitvoering van de compliancefunctie of de auditfunctie.
3. De compliancefunctie en de auditfunctie rapporteren hun bevindingen, waaronder de gesignaleerde tekortkomingen of gebreken in de naleving van het bij of krachtens de wet bepaalde, interne regels of de effectiviteit van de compliancefunctie, aan het bestuur.
4. De bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de compliancefunctie en de auditfunctie is bij twee verschillende beleidsbepalers belegd.
5. Een trustkantoor houdt de rapportages, bedoeld in het derde lid, gedurende vijf jaar beschikbaar voor De Nederlandsche Bank.