BWBR0041619
Geldig vanaf 2023-05-27
Artikel 8
Subsidieregeling onderwijspersoneel opleiding tot leraar
1. Als de activiteiten zijn uitgevoerd en aan de verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie van het betreffende schooljaar worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt. De subsidie voor daaropvolgende collegejaren kan in dat geval lager worden vastgesteld en het teveel ontvangen bedrag wordt teruggevorderd.
2. De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag.
3. In afwijking van het tweede lid wordt de subsidie, indien de aanvraag is ingediend:
a. in de periode van 16 oktober 2019 tot en met 31 december 2019, uiterlijk vóór 1 maart 2020 direct vastgesteld;
b. in de periode van 1 augustus 2020 tot en met 15 oktober 2020, uiterlijk vóór 11 december 2020 direct vastgesteld;
c. in de periode van 16 oktober 2021 tot en met 31 december 2021, uiterlijk vóór 1 maart 2022 direct vastgesteld;
d. in de periode van 1 augustus 2022 tot en met 15 oktober 2022, uiterlijk vóór 18 december 2022 direct vastgesteld;
e. in de periode van 1 augustus 2023 tot en met 15 oktober 2023, uiterlijk vóór 18 december 2023 direct vastgesteld;
f. in de periode van 1 augustus 2024 tot en met 15 oktober 2024, uiterlijk vóór 18 december 2024 direct vastgesteld;
g. in de periode van 1 augustus 2025 tot en met 15 oktober 2025, uiterlijk vóór 18 december 2025 direct vastgesteld;
h. in de periode van 1 augustus 2026 tot en met 15 oktober 2026, uiterlijk vóór 18 december 2026 direct vastgesteld.
2. De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag.
3. In afwijking van het tweede lid wordt de subsidie, indien de aanvraag is ingediend:
a. in de periode van 16 oktober 2019 tot en met 31 december 2019, uiterlijk vóór 1 maart 2020 direct vastgesteld;
b. in de periode van 1 augustus 2020 tot en met 15 oktober 2020, uiterlijk vóór 11 december 2020 direct vastgesteld;
c. in de periode van 16 oktober 2021 tot en met 31 december 2021, uiterlijk vóór 1 maart 2022 direct vastgesteld;
d. in de periode van 1 augustus 2022 tot en met 15 oktober 2022, uiterlijk vóór 18 december 2022 direct vastgesteld;
e. in de periode van 1 augustus 2023 tot en met 15 oktober 2023, uiterlijk vóór 18 december 2023 direct vastgesteld;
f. in de periode van 1 augustus 2024 tot en met 15 oktober 2024, uiterlijk vóór 18 december 2024 direct vastgesteld;
g. in de periode van 1 augustus 2025 tot en met 15 oktober 2025, uiterlijk vóór 18 december 2025 direct vastgesteld;
h. in de periode van 1 augustus 2026 tot en met 15 oktober 2026, uiterlijk vóór 18 december 2026 direct vastgesteld.