BWBR0041053
Geldig vanaf 2020-10-27
Artikel 11
Regeling kwaliteitsafspraken mbo 2019–2022
1. De resultaten van de uitvoering van de kwaliteitsagenda worden na het kalenderjaar 2022 beoordeeld door de adviescommissie.
2. De instelling dient ten behoeve van de eindbeoordeling voor 1 juli 2023 haar jaarverslaggeving over het kalenderjaar 2022 in.
3. De instelling licht de resultaten van de kwaliteitsagenda toe indien de adviescommissie daaraan behoefte heeft.
4. De adviescommissie adviseert de minister uiterlijk op 1 oktober 2023 over de eindbeoordeling.
5. Met inachtneming van het advies van de adviescommissie besluit de minister uiterlijk op 11 november 2023 of de resultaten van de uitvoering van de kwaliteitsagenda kwalitatief voldoende zijn.
6. Bij een voldoende oordeel wordt het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2022, en voor zover het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2021 niet is verstrekt ook dat resultaatafhankelijk budget, zonder verlening, vastgesteld.
7. Indien de resultaten van de uitvoering van de kwaliteitsagenda onvoldoende zijn, komt de instelling niet in aanmerking voor:
a. het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2022; en
b. het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2021 dat niet was verstrekt omdat de tussentijdse beoordeling van de resultaten onvoldoende was.
2. De instelling dient ten behoeve van de eindbeoordeling voor 1 juli 2023 haar jaarverslaggeving over het kalenderjaar 2022 in.
3. De instelling licht de resultaten van de kwaliteitsagenda toe indien de adviescommissie daaraan behoefte heeft.
4. De adviescommissie adviseert de minister uiterlijk op 1 oktober 2023 over de eindbeoordeling.
5. Met inachtneming van het advies van de adviescommissie besluit de minister uiterlijk op 11 november 2023 of de resultaten van de uitvoering van de kwaliteitsagenda kwalitatief voldoende zijn.
6. Bij een voldoende oordeel wordt het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2022, en voor zover het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2021 niet is verstrekt ook dat resultaatafhankelijk budget, zonder verlening, vastgesteld.
7. Indien de resultaten van de uitvoering van de kwaliteitsagenda onvoldoende zijn, komt de instelling niet in aanmerking voor:
a. het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2022; en
b. het resultaatafhankelijk budget voor het kalenderjaar 2021 dat niet was verstrekt omdat de tussentijdse beoordeling van de resultaten onvoldoende was.