BWBR0041050
Geldig vanaf 2018-07-01
Artikel 19
Regeling energie vervoer
1. De aanvraag voor een rekening vermeldt de gewenste faciliteiten.
2. Bij de aanvraag voor een rekening verstrekt de onderneming aan het bestuur van de emissieautoriteit langs elektronische weg de volgende gegevens:
a. de naam, het vestigingsadres en handelsregisternummer van de onderneming;
b. de naam en een kleurenkopie van het geldige legitimatiebewijs van de statutair vertegenwoordigingsbevoegde van de onderneming;
c. de naam, het vestigingsadres, het elektronisch postadres en het telefoonnummer van de rekeningbevoegden en fiatteurs;
d. het bewijs van een actieve bankrekening van de onderneming;
e. indien de onderneming een vergunning voor een accijnsgoederenplaats voor minerale oliën heeft of geregistreerd geadresseerde voor minerale oliën is, de afgiftedatum, de ingangsdatum, de einddatum en het nummer van de vergunning voor de accijnsgoederenplaats, alsmede het Rechtspersonen en Samenwerkingsverbanden Informatienummer (RSIN).
3. Het bestuur van de emissieautoriteit kan verzoeken om:
a. een verklaring omtrent het gedrag van de persoon, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b; en
b. waarmerking van de kleurenkopie van het legitimatiebewijs, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b.
2. Bij de aanvraag voor een rekening verstrekt de onderneming aan het bestuur van de emissieautoriteit langs elektronische weg de volgende gegevens:
a. de naam, het vestigingsadres en handelsregisternummer van de onderneming;
b. de naam en een kleurenkopie van het geldige legitimatiebewijs van de statutair vertegenwoordigingsbevoegde van de onderneming;
c. de naam, het vestigingsadres, het elektronisch postadres en het telefoonnummer van de rekeningbevoegden en fiatteurs;
d. het bewijs van een actieve bankrekening van de onderneming;
e. indien de onderneming een vergunning voor een accijnsgoederenplaats voor minerale oliën heeft of geregistreerd geadresseerde voor minerale oliën is, de afgiftedatum, de ingangsdatum, de einddatum en het nummer van de vergunning voor de accijnsgoederenplaats, alsmede het Rechtspersonen en Samenwerkingsverbanden Informatienummer (RSIN).
3. Het bestuur van de emissieautoriteit kan verzoeken om:
a. een verklaring omtrent het gedrag van de persoon, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b; en
b. waarmerking van de kleurenkopie van het legitimatiebewijs, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b.