BWBR0038639
Geldig vanaf 2016-11-01
Artikel 26
Regeling nationaal autonoom geregelde meetinstrumenten
Een vloeistofhoogtemeter is voorzien van de volgende opschriften:
a. de referentiehoogte;
b. het opschrift ‘het nulpunt van de vloeistofhoogtemeter ligt ... mm beneden het referentiepunt’; en
c. de aard en de karakteristieken van de te meten vloeistof.
a. de referentiehoogte;
b. het opschrift ‘het nulpunt van de vloeistofhoogtemeter ligt ... mm beneden het referentiepunt’; en
c. de aard en de karakteristieken van de te meten vloeistof.