BWBR0038639
Geldig vanaf 2016-11-01
Artikel 23
Regeling nationaal autonoom geregelde meetinstrumenten
1. De maximaal toelaatbare fout van een peilstok ingedeeld in eenheden van lengte bedraagt van de afstand van het nulpunt van de verdeling tot een willekeurige deelstreep:
a. bij de eerste conformiteitsbeoordeling: plus of min (0,1 + 0,1L) mm;
b. na ingebruikneming: plus of min (0,2 + 0,2L) mm,
waarbij L het gehele getal voorstelt, dat de naar boven afgeronde waarde van de gemeten hoogte van een vloeistofspiegel in meters aangeeft.
2. De maximaal toelaatbare fout, bedoeld in het eerste lid, hoeft niet kleiner te zijn dan:
a. bij de eerste conformiteitsbeoordeling: plus of min 0,6 mm;
b. na ingebruikneming: plus of min 1,2 mm.
a. bij de eerste conformiteitsbeoordeling: plus of min (0,1 + 0,1L) mm;
b. na ingebruikneming: plus of min (0,2 + 0,2L) mm,
waarbij L het gehele getal voorstelt, dat de naar boven afgeronde waarde van de gemeten hoogte van een vloeistofspiegel in meters aangeeft.
2. De maximaal toelaatbare fout, bedoeld in het eerste lid, hoeft niet kleiner te zijn dan:
a. bij de eerste conformiteitsbeoordeling: plus of min 0,6 mm;
b. na ingebruikneming: plus of min 1,2 mm.