BWBR0038498
Geldig vanaf 2016-09-18
Artikel 21
Wet scheepsuitrusting 2016
1. Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld betreffende het gebruik van scheepsuitrusting:
a. in uitzonderlijke gevallen van technische innovatie;
b. ten behoeve van beproeving of ter beoordeling van de scheepsuitrusting;
c. in uitzonderlijke omstandigheden indien scheepsuitrusting wordt vervangen aan boord van een schip dat zich in een haven buiten de Europese Unie bevindt en het vanuit het oogpunt van tijd en kosten redelijkerwijs niet uitvoerbaar is om scheepsuitrusting die is voorzien van een stuurwielmarkering aan boord te plaatsten, en
d. in uitzonderlijke omstandigheden indien het aantoonbaar is dat specifieke scheepsuitrusting die is voorzien van een stuurwielmarkering niet in de handel verkrijgbaar is.
2. In afwijking van artikel 3behoeft scheepsuitrusting, bedoeld in het eerste lid, niet te voldoen aan de vereisten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en mag die uitrusting zonder stuurwielmarkering in de handel worden gebracht, mits die uitrusting voldoet aan de eisen opgenomen krachtens het eerste lid.
a. in uitzonderlijke gevallen van technische innovatie;
b. ten behoeve van beproeving of ter beoordeling van de scheepsuitrusting;
c. in uitzonderlijke omstandigheden indien scheepsuitrusting wordt vervangen aan boord van een schip dat zich in een haven buiten de Europese Unie bevindt en het vanuit het oogpunt van tijd en kosten redelijkerwijs niet uitvoerbaar is om scheepsuitrusting die is voorzien van een stuurwielmarkering aan boord te plaatsten, en
d. in uitzonderlijke omstandigheden indien het aantoonbaar is dat specifieke scheepsuitrusting die is voorzien van een stuurwielmarkering niet in de handel verkrijgbaar is.
2. In afwijking van artikel 3behoeft scheepsuitrusting, bedoeld in het eerste lid, niet te voldoen aan de vereisten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en mag die uitrusting zonder stuurwielmarkering in de handel worden gebracht, mits die uitrusting voldoet aan de eisen opgenomen krachtens het eerste lid.