BWBR0038498
Geldig vanaf 2016-09-18
Artikel 19
Wet scheepsuitrusting 2016
1. Indien de markttoezichtautoriteit vaststelt dat scheepsuitrusting die voldoet aan het bij of krachtens deze wet bepaalde, desalniettemin een risico vormt voor de maritieme veiligheid, de gezondheid of het milieu, neemt de verantwoordelijke marktdeelnemer:
a. alle passende maatregelen om ervoor te zorgen dat de scheepsuitrusting geen risico meer vormt wanneer deze in de handel wordt gebracht, of
b. binnen een door de markttoezichtautoriteit vastgestelde redelijke termijn, die evenredig is met de aard van het risico, de betrokken scheepsuitrusting uit de handel of roept hij deze terug.
2. De verantwoordelijke marktdeelnemer zorgt ervoor dat de door hem genomen corrigerende maatregelen worden toegepast op alle betrokken producten die hij in de Europese Unie op de markt heeft aangeboden of aan boord van Europese schepen heeft geplaatst.
a. alle passende maatregelen om ervoor te zorgen dat de scheepsuitrusting geen risico meer vormt wanneer deze in de handel wordt gebracht, of
b. binnen een door de markttoezichtautoriteit vastgestelde redelijke termijn, die evenredig is met de aard van het risico, de betrokken scheepsuitrusting uit de handel of roept hij deze terug.
2. De verantwoordelijke marktdeelnemer zorgt ervoor dat de door hem genomen corrigerende maatregelen worden toegepast op alle betrokken producten die hij in de Europese Unie op de markt heeft aangeboden of aan boord van Europese schepen heeft geplaatst.