BWBR0038055
Geldig vanaf 2016-07-15
Artikel 9
Tijdelijke regeling cofinanciering projecten dienstverlening werkzoekenden en projecten samenwerking en regie arbeidsmarkt
1. Bij de subsidieaanvraag wordt in ieder geval aangegeven:
a. of het een aanvraag betreft voor een project dienstverlening of een project samenwerking en regie arbeidsmarkt;
b. waarom de activiteiten verondersteld worden doelmatig en doeltreffend te zijn;
c. op welke wijze de activiteiten aanvullend zijn op soortgelijke werkzaamheden die worden uitgevoerd door UWV, gemeenten, de subsidieaanvrager of, indien sprake is van een samenwerkingsverband, een andere partij die onderdeel is van het samenwerkingsverband; en
d. op welke wijze de activiteiten met UWV en gemeenten zijn afgestemd.
2. Indien sprake is van een samenwerkingsverband verstrekt de subsidieaanvrager bij de subsidieaanvraag een samenwerkingsovereenkomst die in ieder geval is ondertekend door alle partijen die onderdeel zijn van het samenwerkingsverband en waarin een schriftelijke machtiging is opgenomen waaruit blijkt dat de subsidieaanvrager gemachtigd is het samenwerkingsverband in en buiten rechte te vertegenwoordigen.
3. De subsidieaanvrager stelt een uittreksel van de Kamer van Koophandel beschikbaar, waaruit blijkt wie tekenbevoegd is en, bij het optreden van een tekenbevoegde die niet als zodanig is aangemerkt in het uittreksel, een machtiging tot diens tekenbevoegdheid.
4. De subsidieaanvraag wordt niet in behandeling genomen als de subsidieaanvrager in hetzelfde aanvraagtijdvak reeds meerdere aanvragen heeft ingediend voor het type project waarvoor de aanvraag is ingediend, en die aanvragen op grond van deze regeling geheel of gedeeltelijk zijn toegekend en gezamenlijk een subsidiebedrag van ten minste € 4.000.000 belopen.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend door een stichting die werkzaam is ten behoeve van werkgevers of ten behoeve van werknemers, wordt bij de aanvraag een document gevoegd dat is ondertekend door een centrale werkgevers- of werknemersorganisatie als bedoeld in bijlage 3 of 4 waarbij deze stichting is aangesloten.
a. of het een aanvraag betreft voor een project dienstverlening of een project samenwerking en regie arbeidsmarkt;
b. waarom de activiteiten verondersteld worden doelmatig en doeltreffend te zijn;
c. op welke wijze de activiteiten aanvullend zijn op soortgelijke werkzaamheden die worden uitgevoerd door UWV, gemeenten, de subsidieaanvrager of, indien sprake is van een samenwerkingsverband, een andere partij die onderdeel is van het samenwerkingsverband; en
d. op welke wijze de activiteiten met UWV en gemeenten zijn afgestemd.
2. Indien sprake is van een samenwerkingsverband verstrekt de subsidieaanvrager bij de subsidieaanvraag een samenwerkingsovereenkomst die in ieder geval is ondertekend door alle partijen die onderdeel zijn van het samenwerkingsverband en waarin een schriftelijke machtiging is opgenomen waaruit blijkt dat de subsidieaanvrager gemachtigd is het samenwerkingsverband in en buiten rechte te vertegenwoordigen.
3. De subsidieaanvrager stelt een uittreksel van de Kamer van Koophandel beschikbaar, waaruit blijkt wie tekenbevoegd is en, bij het optreden van een tekenbevoegde die niet als zodanig is aangemerkt in het uittreksel, een machtiging tot diens tekenbevoegdheid.
4. De subsidieaanvraag wordt niet in behandeling genomen als de subsidieaanvrager in hetzelfde aanvraagtijdvak reeds meerdere aanvragen heeft ingediend voor het type project waarvoor de aanvraag is ingediend, en die aanvragen op grond van deze regeling geheel of gedeeltelijk zijn toegekend en gezamenlijk een subsidiebedrag van ten minste € 4.000.000 belopen.
5. Indien een aanvraag wordt ingediend door een stichting die werkzaam is ten behoeve van werkgevers of ten behoeve van werknemers, wordt bij de aanvraag een document gevoegd dat is ondertekend door een centrale werkgevers- of werknemersorganisatie als bedoeld in bijlage 3 of 4 waarbij deze stichting is aangesloten.