BWBR0037981
Geldig vanaf 2016-05-25
Artikel 2.14
Beleidsregel verlagen subsidie POP
1. Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichtingen, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen b en h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de betreffende subsidieverplichting.
2. De jaarbetaling wordt niet verstrekt indien de subsidieontvanger de in artikel 3.11, onderdelen b en h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 genoemde termijnen met meer dan 25 werkdagen overschrijdt.
3. Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen d of n, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling voor de desbetreffende beheeractiviteit verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de desbetreffende subsidieverplichting. De basis voor de in de eerste volzin bedoelde verlaging wordt gevormd door de maximale vergoeding.
4. In afwijking van het derde lid bedraagt de jaarbetaling voor de betreffende jaaractiviteit € 0,– indien de subsidieontvanger de, in voorkomend geval gewijzigde, activiteit later meldt dan is aangegeven in bijlage 5, derde kolom van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies.
5. Indien uit de verantwoording, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, blijkt dat de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel p, van die subsidieverordening, wordt geen subsidie verstrekt voor de beheeractiviteit waarvan het leefgebied en de beheerfunctie niet overeenkomt met het leefgebied en de beheerfunctie van de als eerste opgegeven beheeractiviteit.
2. De jaarbetaling wordt niet verstrekt indien de subsidieontvanger de in artikel 3.11, onderdelen b en h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 genoemde termijnen met meer dan 25 werkdagen overschrijdt.
3. Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen d of n, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling voor de desbetreffende beheeractiviteit verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de desbetreffende subsidieverplichting. De basis voor de in de eerste volzin bedoelde verlaging wordt gevormd door de maximale vergoeding.
4. In afwijking van het derde lid bedraagt de jaarbetaling voor de betreffende jaaractiviteit € 0,– indien de subsidieontvanger de, in voorkomend geval gewijzigde, activiteit later meldt dan is aangegeven in bijlage 5, derde kolom van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies.
5. Indien uit de verantwoording, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, blijkt dat de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel p, van die subsidieverordening, wordt geen subsidie verstrekt voor de beheeractiviteit waarvan het leefgebied en de beheerfunctie niet overeenkomt met het leefgebied en de beheerfunctie van de als eerste opgegeven beheeractiviteit.