BWBR0037517
Geldig vanaf 2016-03-15
Artikel 7
Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15
1. De houder is van rechtswege het toltarief, bedoeld in artikel 5, eerste lid, verschuldigd aan Onze Minister wegens het passeren van een wegvak of deel van een wegvak als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a.
2. Het toltarief kan rechtstreeks aan Onze Minister worden betaald of aan een dienstaanbieder waarmee een dienstverleningsovereenkomst is gesloten.
3. De Minister maakt bij het heffen van het toltarief geen direct of indirect onderscheid als bedoeld in artikel 7, vijfde lid, van richtlijn 99/62/EGop grond van de nationaliteit van de weggebruiker, de lidstaat of het derde land waar de vervoerder gevestigd is, de lidstaat of het derde land waar het voertuig geregistreerd is, of de herkomst of de bestemming van het vervoer.
4. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop het wegvak waar tol wordt geheven kenbaar wordt gemaakt.
2. Het toltarief kan rechtstreeks aan Onze Minister worden betaald of aan een dienstaanbieder waarmee een dienstverleningsovereenkomst is gesloten.
3. De Minister maakt bij het heffen van het toltarief geen direct of indirect onderscheid als bedoeld in artikel 7, vijfde lid, van richtlijn 99/62/EGop grond van de nationaliteit van de weggebruiker, de lidstaat of het derde land waar de vervoerder gevestigd is, de lidstaat of het derde land waar het voertuig geregistreerd is, of de herkomst of de bestemming van het vervoer.
4. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop het wegvak waar tol wordt geheven kenbaar wordt gemaakt.