BWBR0037095
Geldig vanaf 2018-01-01
Artikel 9
Wet basisregistratie ondergrond
1. Een bestuursorgaan of drinkwaterbedrijf dat bij de uitvoering van een wettelijke taak of bij het verrichten van werkzaamheden een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen brondocument ontvangt of genereert met betrekking tot de ondergrond van Nederland of het continentaal plat, levert dat brondocument via het bronhouderportaal, bedoeld in het vierde lid, aan Onze Minister.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het leveren van brondocumenten, bedoeld in het eerste lid, waarbij een onderscheid gemaakt kan worden tussen bestuursorganen en drinkwaterbedrijven.
3. Onze Minister draagt zorg voor de inschrijving van een krachtens het eerste lid geleverd brondocument in het register brondocumenten ondergrond.
4. De bronhouder levert een krachtens het eerste lid aangewezen brondocument in elektronische vorm aan Onze Minister binnen twintig werkdagen na:
a. de dagtekening van het in het brondocument opgenomen besluit;
b. de dag waarop de in het brondocument opgenomen rechterlijke uitspraak onherroepelijk is geworden, of
c. indien het brondocument geen besluit of rechterlijke uitspraak bevat, de rapportagedatum onderzoek of de inrichtingsdatum dan wel in het geval van een reeks van verkenningen die onder één schriftelijke opdracht worden uitgevoerd de rapportagedatum van de laatste verkenning.
5. Onze Minister stelt een bronhouderportaal beschikbaar voor het langs elektronische weg leveren van brondocumenten. Bij ministeriële regeling wordt een beheerder van het bronhouderportaal aangewezen en kunnen nadere regels worden gesteld over het bronhouderportaal en de wijze van leveren van brondocumenten.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het leveren van brondocumenten, bedoeld in het eerste lid, waarbij een onderscheid gemaakt kan worden tussen bestuursorganen en drinkwaterbedrijven.
3. Onze Minister draagt zorg voor de inschrijving van een krachtens het eerste lid geleverd brondocument in het register brondocumenten ondergrond.
4. De bronhouder levert een krachtens het eerste lid aangewezen brondocument in elektronische vorm aan Onze Minister binnen twintig werkdagen na:
a. de dagtekening van het in het brondocument opgenomen besluit;
b. de dag waarop de in het brondocument opgenomen rechterlijke uitspraak onherroepelijk is geworden, of
c. indien het brondocument geen besluit of rechterlijke uitspraak bevat, de rapportagedatum onderzoek of de inrichtingsdatum dan wel in het geval van een reeks van verkenningen die onder één schriftelijke opdracht worden uitgevoerd de rapportagedatum van de laatste verkenning.
5. Onze Minister stelt een bronhouderportaal beschikbaar voor het langs elektronische weg leveren van brondocumenten. Bij ministeriële regeling wordt een beheerder van het bronhouderportaal aangewezen en kunnen nadere regels worden gesteld over het bronhouderportaal en de wijze van leveren van brondocumenten.