BWBR0035708
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 3
Regeling paardensperma 2015
1. De eigenaar of de exploitant van een paardenspermawincentrum dan wel diens vertegenwoordiger beschikt over een vanuit één plaats op het paardenspermawincentrum te raadplegen register, dat zodanig is ingericht, dat daaruit op elk moment op eenvoudige wijze met betrekking tot elke winning kan worden afgeleid:
a. het aan de winning toegekende identificatienummer;
b. de datum van de winning en behandeling;
c. de eventuele calamiteiten die zich bij de winning hebben voorgedaan;
d. het identificatienummer van de hengst waarvan het sperma is gewonnen, en
e. het aantal doses waarin de winning is verdeeld.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden bewaard tot drie jaar nadat de laatste dosis van de betrokken winning van het paardenspermawincentrum is afgevoerd.
a. het aan de winning toegekende identificatienummer;
b. de datum van de winning en behandeling;
c. de eventuele calamiteiten die zich bij de winning hebben voorgedaan;
d. het identificatienummer van de hengst waarvan het sperma is gewonnen, en
e. het aantal doses waarin de winning is verdeeld.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden bewaard tot drie jaar nadat de laatste dosis van de betrokken winning van het paardenspermawincentrum is afgevoerd.