BWBR0035708
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 14
Regeling paardensperma 2015
1. Het paardenspermawincentrum beschikt ten behoeve van het toezicht, bedoeld in Bijlage D, Hoofdstuk I, onderdeel II, subonderdeel 1, punt 1.2, onderdeel a, van richtlijn 92/65/EEG, over een door de keuringsdierenarts vanuit één plaats op het paardenspermawincentrum te raadplegen register dat dagelijks wordt bijgehouden en dat zodanig is ingericht, dat daaruit te allen tijde op eenvoudige wijze met betrekking tot elk dier kan worden afgeleid:
a. het ras;
b. de geboortedatum;
c. het identificatienummer;
d. de gegevens inzake de uitgevoerde vaccinaties;
e. de gegevens uit het ziekte/gezondheidsdossier;
f. de datum van toelating op het paardenspermawincentrum;
g. het beslag of het bedrijf van herkomst;
h. de verplaatsingen, onder vermelding van de datum van aankomst in of vertrek uit het paardenspermawincentrum, en
i. de gegevens, waaronder de laboratoriumuitslagen, onder vermelding van de datum, betreffende in Bijlage D, Hoofdstuk II, onderdeel I, subonderdeel 1, van richtlijn 92/65/EEG voorgeschreven tests.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden tot drie jaar bewaard.
3. Aan Bijlage D, Hoofdstuk I, onderdeel II, subonderdeel 1, punt 1.2, onderdeel h, van richtlijn 92/65/EEGis voldaan, indien op de verpakking van iedere dosis sperma onuitwisbaar de navolgende gegevens zijn vermeld:
a. het identificatienummer van het betrokken sperma;
b. de datum waarop het sperma is verkregen;
c. de identiteit van de hengst waarvan het sperma is gewonnen, en
d. het identificatienummer van het paardenspermawincentrum.
4. Het is uitsluitend toegestaan paardensperma voorhanden te hebben, in voorraad te hebben, te bewaren, op te slaan, te gebruiken, te ontvangen, of af te leveren indien op de verpakking van iedere dosis sperma onuitwisbaar de in het derde lid bedoelde gegevens zijn vermeld.
a. het ras;
b. de geboortedatum;
c. het identificatienummer;
d. de gegevens inzake de uitgevoerde vaccinaties;
e. de gegevens uit het ziekte/gezondheidsdossier;
f. de datum van toelating op het paardenspermawincentrum;
g. het beslag of het bedrijf van herkomst;
h. de verplaatsingen, onder vermelding van de datum van aankomst in of vertrek uit het paardenspermawincentrum, en
i. de gegevens, waaronder de laboratoriumuitslagen, onder vermelding van de datum, betreffende in Bijlage D, Hoofdstuk II, onderdeel I, subonderdeel 1, van richtlijn 92/65/EEG voorgeschreven tests.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden tot drie jaar bewaard.
3. Aan Bijlage D, Hoofdstuk I, onderdeel II, subonderdeel 1, punt 1.2, onderdeel h, van richtlijn 92/65/EEGis voldaan, indien op de verpakking van iedere dosis sperma onuitwisbaar de navolgende gegevens zijn vermeld:
a. het identificatienummer van het betrokken sperma;
b. de datum waarop het sperma is verkregen;
c. de identiteit van de hengst waarvan het sperma is gewonnen, en
d. het identificatienummer van het paardenspermawincentrum.
4. Het is uitsluitend toegestaan paardensperma voorhanden te hebben, in voorraad te hebben, te bewaren, op te slaan, te gebruiken, te ontvangen, of af te leveren indien op de verpakking van iedere dosis sperma onuitwisbaar de in het derde lid bedoelde gegevens zijn vermeld.