BWBR0031837
Geldig vanaf 2015-07-25
Artikel 6.4
Mandaatbesluit BZK 2012
De directeur Personeel en Organisatie is met inachtneming van dit besluit bevoegd:
a. tot het ondertekenen van procedurele stukken in het kader van de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten van of namens de Minister met betrekking tot een personele aangelegenheid;
b. tot het inschakelen van de Landsadvocaat voor ondersteuning of vertegenwoordiging van het Ministerie inzake rechtspositionele vraagstukken;
c. tot het ondertekenen van brieven met betrekking tot het voeren van de salarisadministratie bij de directie;
d. tot het afdoen en ondertekenen van stukken met betrekking tot het aangaan van raamovereenkomsten inzake organisatie-advisering, opleiding, scholing, training en assessments bij het Ministerie, en overeenkomsten inzake departementale vervoersregelingen, arbeidsomstandigheden, bedrijfsmaatschappelijk werk en kinderopvang;
e. tot het afdoen en ondertekenen van stukken met betrekking tot de vergoeding van representatiekosten op grond van artikel 68a Algemeen Rijksambtenarenreglement.
f. tot het geven van vakinhoudelijke instructies aan de P&O-afdelingen van alle dienstonderdelen en tot het geven van advies aan managers op het gebied van P&O zaken van het Ministerie.
a. tot het ondertekenen van procedurele stukken in het kader van de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten van of namens de Minister met betrekking tot een personele aangelegenheid;
b. tot het inschakelen van de Landsadvocaat voor ondersteuning of vertegenwoordiging van het Ministerie inzake rechtspositionele vraagstukken;
c. tot het ondertekenen van brieven met betrekking tot het voeren van de salarisadministratie bij de directie;
d. tot het afdoen en ondertekenen van stukken met betrekking tot het aangaan van raamovereenkomsten inzake organisatie-advisering, opleiding, scholing, training en assessments bij het Ministerie, en overeenkomsten inzake departementale vervoersregelingen, arbeidsomstandigheden, bedrijfsmaatschappelijk werk en kinderopvang;
e. tot het afdoen en ondertekenen van stukken met betrekking tot de vergoeding van representatiekosten op grond van artikel 68a Algemeen Rijksambtenarenreglement.
f. tot het geven van vakinhoudelijke instructies aan de P&O-afdelingen van alle dienstonderdelen en tot het geven van advies aan managers op het gebied van P&O zaken van het Ministerie.